nieuws

Machinebouwers kunnen vraag niet bijbenen

bouwbreed

Het gaat goed met de verkoop van materieel, zo leerde een rondgang over de vakbeurs Nordbau in het Duitse Neumünster. Bedrijven durven weer te investeren in nieuwe machines. Dat zijn er inmiddels zo veel dat de machinebouwers de vraag niet meer kunnen bijbenen. En ook de toeleveranciers doen bestellingen met steeds meer vertraging de deur uit.

Steeds beter zegt ook Peter Weidler van Ahlmann zijn bouwmachines te verkopen. “De afgelopen jaren doken de verkoopcijfers nog de kelder in. Die gang lijkt nu gestabiliseerd.” Over het geheel genomen loopt de verkoop van bouwmachines goed, vindt Ahlmanns verkoopdirecteur, al treden er wel wat regionale verschillen op. De reden: bedrijven investeerden weinig in hun machinepark toen het tussen 2003 en 2006 economisch minder ging. “Nu ze meer werk in portefeuille krijgen durven ze weer geld uit te geven aan nieuwe machines.” Met gevolg dat Ahlmann zijn levertijden steeds verder moet oprekken.

Toeleveranciers

De meeste zorgen maakt Weidler zich over de bestellingen bij de toeleveranciers. Vrijwel dagelijks moet Ahlmann volgens hem de productieplanning aanpassen aan de volgorde waarin de onderdelen binnenkomen. “Mannesmann-Rexrodt bijvoorbeeld zegt bestellingen pas twee maanden later dan afgesproken te kunnen leveren.” De oorzaak: vertragingen bij hun toeleveranciers. Met het gevolg dat Ahlmann niet meer zoals vorig jaar met vijf weken een nieuwe machine kan leveren maar pas na drie tot zes maanden.
Weidler ziet daar voorlopig geen verandering in komen. Dat pakt goed uit voor de handel, maar roept tegelijk de vraag op of elke potentiële Ahlmann-koper voor Ahlmann blijft kiezen. Niet iedereen wil maanden wachten maar kiest omwille van het werk voor een ander merk of voor een gebruikte machine. Zorgen over de kwaliteit van de toegeleverde onderdelen zegt Weidler zich niet te maken. Alle benodigdheden worden in Europa bij wijze van spreken om de hoek gemaakt.
Problemen die Hyundai niet snel verwacht, zegt Willem Akkermans van Hyundai Deutschland. De Koreaanse fabrikant maakt zijn onderdelen zoveel mogelijk zelf. Bouwdelen van derden als motoren en assen zullen niet snel opraken. “Dat komt omdat Hyundai zijn wereldproductie in één fabriek concentreert.”
Een uitzondering maakt de machinebouwer voor China. Door deze concentratie bestelt Hyundai bij zijn vaste toeleveranciers zijn onderdelen in zo’n grote omvang dat die graag op tijd leveren. De levertijden hangen vooral samen met de productieplanning en belopen voor de populaire modellen zo’n vier tot acht weken. Oftewel: “Er staan geen rijen machines te wachten op dat ene ontbrekende onderdeel!”
Hyundai concentreert ook de verkoop en de service. De Europese dealers bijvoorbeeld worden direct vanuit het Belgische Geel bediend. In dat centrale magazijn liggen nagenoeg alle onderdelen van vrijwel alle machines die de machinebouwer in Europa heeft verkocht. Akkermans: “Die zekerheid doet sommige klanten voor Hyundai besluiten, ook al gaat hun hart uit naar een ander merk.”

Sponsoring

Mede daardoor gaat het de Koreaanse fabrikant dit jaar voor de wind; de omzet in Duitsland bedraagt met ruim 300 verkochte machines inmiddels het dubbele van wat de fabrikant in 2006 boekte. Sponsoring van sportevenementen draagt zeker bij aan de naamsbekendheid. Mede daardoor wordt het merk ook serieuzer genomen dan enkele jaren geleden, “al was er ook toen technisch gezien niets aan te merken op de machines!” zegt Akkermans met nadruk.
Komatsu rekent intussen met prijsverhogingen voor zijn materieel; het gevolg van schaarser wordende grondstoffen als staal en natuurrubber. “Bouwmachines rijden op banden uit natuurrubber en dat raakt op,” legt verkoopdirecteur Uwe Herber uit. Er is maar een beperkt areaal aan rubberplantages. Wat daar wordt geoogst is al voor jaren verkocht. In Herbers becijfering zijn de prijzen voor natuurrubber in de afgelopen drie jaar met zo’n 30 tot 35 procent per jaar gestegen.

Kosten

Herber zegt er niet aan te ontkomen die prijzen door te berekenen aan zijn klanten. De mate waarin hangt mede af van Komatsu’s productiekosten. De fabrikant bouwt zijn wielladers in Hannover. Inclusief assen en aandrijvingen en exclusief motoren.
Het frame last Komatsu tegenwoordig ook zelf; een volledig automatisch proces dat minder kost dan het handmatige lassen in Oost-Europese werkplaatsen. Zolang de conjunctuur goed blijft rendeert de lasrobot. Herber: “En de conjunctuur blijft goed zolang de machinebouwers meer bestellingen ontvangen dan ze kunnen leveren.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels