nieuws

Komo te goed voor brede toepassing

bouwbreed

Komo certificeert momenteel zo’n beetje elk product dat in de bouw wordt toegepast. De oprukkende Europese markt dwingt het kwaliteitskeurmerk echter om zich razendsnel te specialiseren in bouwproducten waarmee echt helemaal niets mis mag gaan. De bouwwereld houdt angstvallig vast aan Komo. De bouwer heeft daarmee iets weg van de boer die wat hij niet kent ook niet eten wil. Maar de huidige positie van het keurmerk is niet vol te houden. Brussel zal uiteindelijk Den Haag dwingen om de regelgeving aan te passen en de bescherming van het certificaat op te heffen. De deuren van de Nederlandse markt staan dan niet meer op een klein kiertje – zoals nu het geval is – maar gaan wagenwijd open.

beschouwing
De certificering van Komo is zo goed, dat het veel selectiever toegepast moet worden dan nu het geval is. Opdrachtgevers kunnen dan volstaan met het vragen van het Europese keurmerk CE bij standaardproducten als een trottoirband, en Komo eisen als het om cruciale onderdelen gaat. Bijvoorbeeld een ankersysteem waarmee gevelplaten worden bevestigd.
Het Komo-keurmerk is niet alleen goed en betrouwbaar. Het is ook duur. Een product Komo-certificeren is een langdurig en kostbaar proces. Fabrikanten en leveranciers die op de Nederlandse markt actief zijn, hebben het er graag voor over. Want door de huidige Nederlandse regelgeving wil geen opdrachtgever je spullen hebben als er geen Komo op staat.
Komo is er voor alle producten. Van vuilniszak en trap tot prefab kozijn. Als de fabrikant het wil, dan certificeert Komo. Het is de vraag of een zware en dure certificeringsprocedure voor eenvoudige producten als vuilniszakken wel nodig is. En volstaat het CE-keurmerk niet bij een simpel product als een betonnen stoeptegel?

Bouwbesluit

Komo dankt zijn huidige kracht aan de vermelding in het Bouwbesluit. De naam van het certificaat komt sinds 30 mei 2006 weliswaar niet meer in de bouwregelgeving voor, maar dat heeft weinig veranderd aan de oude situatie toen Komo nog een door de minister van Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM) persoonlijk ondertekend certificaat was.
De Nederlandse overheid schrijft nog steeds voor dat producten die in de bouw worden verwerkt, een erkent certificaat moeten hebben. De erkenning van nieuwe kwaliteitskeurmerken wordt uitgevoerd door de SBK, Stichting Bouwkwaliteit. In deze organisatie zijn alle branche-organisaties van de bouw vertegenwoordigd, van de bouwers zelf tot aan de toeleveranciers.
Het is geen toeval dat de SBK ook het Komo-certificaat beheert. De stichting bevindt zich daarmee in een uitzonderlijke positie. Als eigenaar van Komo, dat een deel van de inkomsten van SBK genereert, ziet de organisatie toe op de toetreding van concurrerende keurmerken.
Fabrikanten die niet over het Komo-certificaat beschikken, hebben in het nieuwe stelsel nog steeds geen vrije toegang tot de Nederlandse markt. Den Haag schrijft immers nogal betuttelend een kwaliteitswaarborg voor die veel zwaarder is dan de CE-markering. En die keuze ligt in het Europa van de 21ste eeuw bij de opdrachtgever.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels