nieuws

Wonen in landelijk gebied kan kwaliteit verhogen

bouwbreed

Groningse planologen bedachten een nieuw planologisch concept voor het noorden van Nederland: Lila. Dat staat voor ‘Living in Leisure-rich Areas’. Nu de rijksoverheid de regionale planologie over laat aan de regio’s, is een samenhangende visie op de toekomstige ontwikkelingen van het landschap in Noord-Nederland hard nodig, zegt Gert de Roo . Zo moet er bij de ruimtelijk-economische ontwikkeling van die regio bijvoorbeeld meer worden ingezet op ontspanning.

Met het planologisch concept Lila wordt de economie van ‘Rust en Ruimte’ omarmd. Zo wordt Noord-Nederland beschouwd als de ‘Contramal’ van de Randstad, waarbij veel wordt verwacht van de woon-, landschap- en ‘leisure-economie’. Deze wordt als complementair gezien aan de economie van de ‘Razende Randstad’. Het gaat hier niet om een extensieve economie voor een regio, die een oubollig imago zou willen koesteren. Integendeel, Lila geeft focus aan de ontwikkeling van Noord-Nederland, om met kracht te innoveren, te investeren en de economie die dit alles moet dragen te intensiveren. Aan deze intensivering dient evenwel planologisch richting te worden gegeven – de koers die daarvoor wordt geboden noemen we niet groen, niet rood, maar Lila. Met zijn ruime en ontspannen leefomgeving beschikt Noord-Nederland over bijzondere ruimtelijke kwaliteiten. Je kunt deze kwaliteiten beter benutten. Kijk naar de kwaliteit van het landschap en stel jezelf de vraag: hoe kunnen we die kwaliteit ‘vermarkten’?

Zorgvuldig

Vijf Friese woningcorporaties raakten geïnteresseerd in Lila. Zij nodigden onze onderzoeksgroep uit concrete locatieontwerpen te maken voor nieuwe woonlandschappen in de Friese A7-zone, een woonregio van Sneek tot en met Drachten. Expeditie Woonlandschappen is het resultaat hiervan. De boodschap: Wonen in het landelijk gebied kan de kwaliteit ervan verhogen, mits zorgvuldig ingepast.
Wat stellen wij als planologen ons voor bij een toekomstige wooneconomie in het Noorden? In elk geval geen dertien-in-een-dozijn Vinexwijken of vakantiedorpen. Deze zouden hun negatieve imago te danken hebben aan de grote schaal van de uitvoering, maar ook omdat ze de kwaliteit en de eigenheid van het landschap in gevaar brengen.
Wij namen het landschap zelf als leidend beginsel voor onze locatieontwerpen.
Voor Expeditie Woonlandschappen maakten wij eerst een analyse van de diverse typen landschappen in de Friese A7-regio. Onder meer van de afgegraven veengebieden met de langgerekte lintdorpen, van de uitgestrekte weidelandschappen onderbroken door houtwallen, en van de merengebieden met de rijkelijk aanwezige rietvegetatie. Vervolgens construeerden we vanuit die karakteristieken een passend inrichtingsprincipe. Bijvoorbeeld: ten noorden van de A7, boven Drachten, Heerenveen en Joure liggen uitgestrekte groene velden met verspreid liggende boerderijen in de verte opdoemend tussen de houtwallen. Voor dit landschap werd het inrichtingsprincipe: ‘Zien en niet gezien worden’ geformuleerd. Volgens ons kan je dit landschap met wonen ‘inbreiden’, mits je voor een bouwvorm kiest die de kwaliteit van het landschap in tact laat en het beeld oproept van boerderijen in de verte. Dat kunnen appartementen zijn die je camoufleert met nieuwe houtwallen en met daken in boerenstijl. De bewoners kunnen genieten van het uitzicht en door het ‘niet geziene’ karakter van de woningbouw zal het landschap ‘landelijk’ blijven.

Debatten

In de noordelijke provincies zijn inmiddels vele publieke debatten gevoerd over Lila. Bestuurders van de provincies Groningen en Friesland zijn enthousiast, evenals de vijf Friese woningcorporaties, de zogenaamde Accolade Groep. Deze laatste verstrekte ook de fondsen die het project Expeditie Woonlandschappen van de Groningse planologen mogelijk maakten.
Tijdens de vele debatten die inmiddels gevoerd zijn, kwam echter ook naar voren waar de gevoeligheden lagen. Vooral de gedachte aan ingrijpen in het landschap bleek op weerstand te stuiten. Juist omdat ingrijpen in het landschap in Nederland een taboe blijkt te zijn.

Dogma

In Nederland heerst een algemene angst voor verrommeling en verlies van het landschap. De klassiek planologische scheiding tussen stad en platteland in Nederland is geënt op de situatie in de Randstad. Vanwege de noodzaak het groen in de Randstad te beschermen, klopt die benadering voor dat gebied ook wel. Maar voor het Noorden van Nederland klopt het niet.
Lila keert zich tegen dit typisch Nederlandse dogma. Met onze voorstellen voor de woonlandschappen in de A7-regio willen we laten zien dat je de kwaliteit van het landschap niet verliest, maar verbetert .
Prof.dr. G. de Roo
Hoogleraar Planologie aan de Groningse universiteit, Ruimtelijke Wetenschappen, RUG
g.de.roo@rug.nl
Diverse typen van landschappen in de Friese A7-regio zijn uitgewerkt in het recent verschenen boek ‘Expeditie woonlandschappen. Het landschap als drager van een regionale wooneconomie’. Auteurs: A. Brouwer, M. de Jong en G. de Roo.
Uitgever: ‘In Boekvorm Uitgevers’.
ISBN 978 9077548 20 2.

Alternatief

Lila en de planologie van de ‘Contramal’ brengt de regio een krachtig alternatief op traditionele planologische concepten. Deze klassieke concepten zijn rood en groen gekleurd, en haken in op de ‘Razende Randstad-economie’. Voor regio’s buiten de Randstad geldt evenwel het adagium ‘op eigen kracht vooruit’. Alternatieve planologische concepten zijn daarom dringend gewenst. Specifieke kwaliteiten van de regio vragen dan om aandacht. Met lila worden deze kwaliteiten benoemd voor Noord-Nederland. Lila is zo een op maat gesneden en kleurrijk antwoord op het proces van regionalisering.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels