nieuws

De onmogelijke claim van fabrikant Actis

bouwbreed

Om met een 2,5 centimeter dik pakket van aluminiumfolie en laagjes schuim een warmteweerstand van 5,6 te halen, moet het isolatiemateriaal van Actis beter isoleren dan stilstaande lucht. Dat is fysisch onmogelijk, zeggen de deskundigen. Oorlog in de isolatiewereld.

Op de Bouwbeurs in Utrecht broeide het al. De beursorganisatie had een isolatiehal ingericht waar bijna alle isolatiefabrikanten hun producten aan de man brachten, broederlijk naast elkaar. Althans zo leek het. Want sommigen konden elkaars bloed wel drinken. Allemaal keken ze tandenknarsend toe hoe Actis onbeschaamd haar meerlaagse folie aanprees en ze een R-waarde toedichtte van 5,6 m²•K/W. Dat is ruim het dubbele van wat het Bouwbesluit voorschrijft.
Veel beursbezoekers vielen voor die boodschap. Want het dunne materiaal scheelt bij verbouwingen of renovaties immers enorm veel ruimte, en het is nog reuze gemakkelijk aan te brengen.
Maar de bemanning van de naburige stands wist wel beter. Volgens alle omstanders was de warmteweerstand die Actis claimde ruim drie keer te hoog. Onderzoeken van Belgische en Britse laboratoria zijn daar heel duidelijk over.
Andere standhouders wisten het uit eigen ervaring. Zoals directeur Ton Willemsen van Tonzon. Zijn producten met isolatiefolies zijn immers op hetzelfde principe gebaseerd als die van Actis. Ze kaatsen warmtestraling terug met een of meer dunne reflecterende folies. Alleen om zo’n hoge R-waarde te halen, heeft Willemsen een pakket van zo’n 16 centimeter dikte nodig. Een reflectiefolie is immers alleen effectief als er een luchtspouw voor zit en het niet is bekleed met een ander materiaal. Daarom bouwt hij zijn isolatiematerialen op met folies afgewisseld met luchtlagen. Die luchtlagen moeten minimaal 15 millimeter dik zijn. Maar volgens Willemsen wel dunner dan 20 millimeter om te voorkomen dat binnen die spouw luchtverplaatsingen optreden die de warmte overdragen via convectie.

Lucht

“Zonder zo’n luchtspouw heeft een folie inderdaad geen effect”, bevestigt isolatiedeskundige Kees Castenmiller van TNO. “Bij tussenruimten kleiner dan 5 millimeter doet warmtegeleiding het reflecterende effect teniet. Het materiaal geleidt de warmte dan van de ene naar de andere laag.” En dat is volgens Castenmiller ook precies wat er gebeurt bij de meerlaagse folies van Actis. “Per saldo zijn alleen de buitenste twee folies effectief. Als die tenminste in de constructie grenzen aan een spouwruimte van minimaal 15 millimeter.”
Willemsen heeft een heel simpel berekeningetje paraat dat aantoont dat de claim van Actis niet kan. “Op edele gassen en vacuüm na is lucht de beste isolator. Dat weet iedereen”, aldus de directeur van Tonzon. Als isolatiematerialenfabrikant probeer je daarom altijd zo dicht mogelijk in de buurt te komen van de geleidingscoëfficiënt van lucht. Maar als je die waarde bepaalt op basis van de R-waarde van Actis kom je op een coëfficiënt uit die een derde bedraagt van die van lucht.
“Dat is fysisch gewoon onmogelijk voor een systeem dat grotendeels uit lucht bestaat en waarvan de andere materialen, schuim en aluminiumfolie, veel beter geleiden dan lucht”, aldus Willemsen.

Norm

De Nederlandse vertegenwoordigers in de Europese normcommissie ‘isolatie in bouwkundige constructies’, willen voorstellen dit sommetje uit te werken tot een technisch document. Aan de hand daarvan kan iedereen dan snel vaststellen of de claim van een fabrikant zinnig is of niet. Meer zit er volgens voorzitter Tom Haartsen van de NEN 1068-commissie op korte termijn niet in. Aanscherpen van de Europese norm vergt namelijk jaren. Daar is een brede consensus voor nodig. Maar dat document kan in een jaar zijn opgesteld en zijn werk doen.
Tot begin dit jaar had Haartsen helemaal niet de indruk dat het zo’n vaart liep met de opmars van Actis en andere multifoils die onterechte claims maken. Hij ging er vanuit dat de ontluisterende Belgische en Britse testresultaten hun effect wel zouden hebben.
Maar op de Bouwbeurs begin februari zag hij zelf met hoeveel marketingkracht de materialen aan de man werden gebracht en hoe er blufpoker werd gespeeld. Bij een van de omstreden stands verleidde een verkoper hem tot een heel overtuigend proefje.
Of Haartsen zijn hand even wilde leggen op een dun stukje meerlaags isolatiemateriaal waaronder de verkoper met een aansteker een vlammetje liet branden. Haartsen deed wat hem gevraagd werd en voelde inderdaad vrijwel niets. Hij veinsde verbazing, maar als bouwfysicus wist hij wel beter.
De warmte van de puntbron werd door de goede geleiding van het aluminium immers razendsnel over een groot oppervlak verspreid en vervolgens afgegeven aan de bovenliggende lagen. Per saldo bleef er aan de bovenkant niets meer over. Maar met stralingreflectie had dat niets te maken, des te meer met geleiding.
Het toont volgens Haartsen aan hoe ingewikkeld de materie is. Niet alleen voor buitenstaanders maar ook voor professionals als aannemers en architecten. Want het proefje miste zijn uitwerking op de bezoekers van de Bouwbeurs niet. Ook al was er iets heel anders aan de hand dan werd gesuggereerd.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels