nieuws

‘Bouw kan nog lang niet zeggen dat wat ze doet aantoonbaar goed is’

bouwbreed

den haag – De communicatie tussen aannemer, toeleverancier en constructeur rammelt. Vastleggen van gegevens in ontwerp, realisatie en beheer moet beter en met meer samenhang gebeuren. De bouw is nog ver verwijderd van een bedrijfstak die kan zeggen dat wat ze doen ‘aantoonbaar goed’ is.De communicatie tussen aannemer, toeleverancier en constructeur rammelt. Vastleggen van gegevens in ontwerp, realisatie en beheer moet beter en met meer samenhang gebeuren. De bouw is nog ver verwijderd van een bedrijfstak die kan zeggen dat wat ze doen ‘aantoonbaar goed’ is.

Dit zegt professor Dik-Gert Mans van de TU Twente en voorzitter van de werkgroep ‘Leren van instortingen’ naar aanleiding van het vervolg van het gelijknamige project ‘Leren van instortingen’.
Een eerste fase van het CUR-project ‘Leren van instortingen’ heeft in 2005 geresulteerd in een rapport met analyses van cases van instortingen. In september vorig jaar is begonnen met vervolgacties op basis van een rapportage over die onderwerp eerder dat jaar. De instortingen door sneeuw in november 2005 en de ontruiming van Bos en Lommer hebben het onderwerp extra in de belangstelling gebracht. “Bos en Lommer heeft meer invloed gehad dan ons rapport. We hebben het programma van de inmiddels in gang gezette vervolgacties daarop aangepast”, zegt Mans.
De vervolgacties zijn geclusterd in drie deelprojecten. Het eerste deelproject betreft de analyse van falende constructies. Er zullen onder andere themaonderzoeken plaatsvinden op het gebied van brandveiligheid en gevelbekleding. Het tweede deelproject betreft betrouwbare projectorganisaties. Het gaat daarbij om de technische en organisatorische aspecten rondom constructieve veiligheid. Betrouwbare projectorganisaties leveren immers betrouwbare constructies op. Risicoanalyses zijn daarbij onmisbaar.
Door het proces van ontwerp, realisatie en beheer als een keten van deels parallelle en deels in serie geschakelde activiteiten te beschouwen, zijn kansen op falen te bepalen in de afzonderlijke activiteiten en in de raakvlakken. Kwaliteitsmanagementsystemen moeten zorgen voor betrouwbare resultaten uit dergelijke processen. Volgens Mans zijn deze systemen in de bouwsector op projectniveau over het algemeen onvoldoende ontwikkeld.
Daarentegen heeft een sector als de auto-industrie de betrouwbaarheid wel onder de knie. “De veiligheid van auto’s bijvoorbeeld staat eigenlijk niet meer ter discussie ondanks het incidenteel terughalen van auto’s met gebreken. De bouw moet naar een bedrijfstak toe die zegt: dit gebouw is aantoonbaar goed. Het gaat niet aan alleen maar te zeggen ‘het is goed’. Dat gebeurt al te veel. Het gaat erom dat het aantoonbaar is. De bouw is daar tot nu toe slordig in”, zegt Mans.
Aantoonbaarheid stoelt op het vastleggen van gegevens. Het aantonen van de constructieve veiligheid begint bijvoorbeeld met het vastleggen van de overeengekomen prestaties en de keuzes in het ontwerp, de bouw en het beheerproces. De eerste stappen in het bouwproces blijken nogal eens onduidelijk en onvoldoende helder te worden vastgelegd. Te vaak ontbreekt een conceptueel concept als expliciete keuze, zijn er slechts berekeningen en tekeningen waaruit impliciet het ontwerp zou moet blijken en zijn prestaties en geaccepteerde risico’s niet duidelijk.
“Dit is een onaanvaardbare aanvang voor verdere uitwerking, de uitvoering en het beheer”, zegt Mans. In de vervolgacties van het CUR-project die dit jaar lopen, zal hieraan dan ook de nodige aandacht worden geschonken.
Het laatste deelproject gaat over het sluiten van de cirkel: plan-do-check-act op brancheniveau. VROM vangt binnenkort een pilotonderzoek aan naar de constructieve veiligheid – en mogelijk ook de brandveiligheid – in vijf recent gereedgekomen bouwwerken. Dit onderzoek moet volgens Mans worden ondersteund in het kader van de vervolgacties van ‘Leren van instortingen’. De analyses van de vijf projecten zijn te gebruiken voor het opstellen van ‘best practises’. Ook zou begonnen moeten worden met het opzetten van de registratie van geanalyseerde en niet-geanalyseerde incidenten waar constructieve veiligheid in het geding is geraakt.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels