nieuws

Berenschot veegt vloer aan met bestuur GIW

bouwbreed

Het bestuur en de directie van het Garantie Instituut Woningbouw (GIW) presteert volstrekt onder de maat. Dat stelt Berenschot in een vertrouwelijk rapport. Het onderzoeks- en adviesbureau nam het garantie-instituut, dat de schade afdekt die kan ontstaan bij de bouw van een koopwoning, begin dit jaar onder de loep nadat directeur Nico Dijkhuizen opstapte.

Volgens de onderzoekers van Berenschot laat het bestuur, dat onder leiding staat van voormalig staatssecretaris van Binnenlandse Zaken Jacob Kohnstamm, grote steken vallen op het gebied van goed bestuur. Zo is onduidelijk hoe de raad van bestuur zijn taken invult en hoe de bestuurders van het GIW aan de informatie komen die nodig is om de organisatie goed te laten functioneren.
Berenschot geeft aan dat een betere informatievoorziening mogelijk is als hiervoor een statuut is opgesteld. Maar dat hebben de onderzoekers van het gerenommeerde bureau niet bij het GIW aangetroffen. De kernthema’s van de organisatie, bijvoorbeeld financiële informatie en strategisch beleid, zijn daarmee niet bekend. “Checks and balances lijken te ontbreken”, zo stelt Berenschot in het rapport.

Ad hoc

Berenschot is niet alleen kritisch over het bestuur. Het onderzoeks- en adviesbureau toont zich ook ontevreden over de werkwijze van het management. De leiding van de organisatie speelt onvoldoende in op problemen en lost deze ad hoc op. “Pas als zich een probleem voordoet, wordt er een oplossing gezocht.”
Het GIW kampt sinds 2004 met een groeiend capaciteitsprobleem. Met ingang van dat jaar behandelt het instituut niet alleen normale arbitragezaken die voortvloeien uit de GIW-garantie, maar ook opleveringsgeschillen. Het aantal conflicten bij oplevering dat aan het GIW wordt voorgelegd, is de afgelopen jaren gestegen van één in 2004 naar 278 in 2006.
De stijging van het aantal opleveringsgeschillen heeft voor aanzienlijke vertragingen gezorgd. Opleveringsgeschillen zijn door het in de procedure vastgelegde bezoek aan de bouwplaats arbeidsintensief. Daarnaast zorgen partijen voor onnodige vertraging, omdat regelmatig uitstel wordt aangevraagd.
Berenschot adviseert het GIW om de prestaties van het instituut nauwkeurig in kaart te brengen. Hiervoor zou een monitor moeten worden opgezet die niet alleen de ontwikkelingen weergeeft, maar ook in hoeverre de dienstverlening van het instituut aan de gesteld eisen en beloftes voldoet. Volgens de voorgestelde methode moet voor een gunstige beoordeling minimaal 80 procent van alle zaken binnen de toegezegde termijn worden afgerond.
De achterstanden kunnen volgens Berenschot worden weggewerkt als het GIW tijdelijk extra capaciteit inhuurt en zijn organisatie op de schop neemt.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels