nieuws

Aanbestedingsprocedure Britse pfi-contracten kost drie jaar

bouwbreed

De aanbestedingsprocedure voor een pfi-contract in Groot-Brittannië duurt gemiddeld 34 maanden. Ondanks voornemens van de regering om de procedure te versoepelen, is die periode de laatste tijd niet korter geworden.

Mede door die lange en complexe procedures trekken de aanbestedingen steeds minder gegadigden uit de nationale en internationale bouwwereld. Dat stelt de National Audit Office, de Britse Rekenkamer, in een opnieuw kritisch rapport over de pfi. Sinds de invoering van pfi in 1992 zijn meer dan 750 overeenkomsten met een totale kapitaalwaarde van ruim 82 miljard euro afgesloten. Bij scholen kost de tenderprocedure gemiddeld twee jaar, bij andere projecten kan dat oplopen tot vier jaar. “Nu we zien dat bedrijven selectiever worden bij het inschrijven, moet de procedure worden verbeterd. Het tenderproces is een essentieel onderdeel van de hele pfi-overeenkomst”, zegt voorzitter Bourne. Volgens het rapport waren er tot 2004 bij 85 procent van de tenders minstens drie inschrijvers, terwijl dat in de jaren daarna nog maar bij 67 procent van de projecten het geval is. Bij één op de drie projecten zijn er tegenwoordig nog maar twee gegadigden. Verder berekent de rekenkamer dat de overheid per project gemiddeld 4,5 miljoen euro kwijt is aan externe adviseurs. Zij ontdekte ook dat de overheid tijdens de verdere onderhandelingen met een ‘preferred bidder’ vaak alsnog concessies doet.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels