nieuws

Verbod op onnodig clusteren

bouwbreed

– Aanbestedende diensten mogen geen opdrachten stapelen zonder aantoonbaar schaalvoordeel. Om onnodig clusteren tegen te gaan, twijfelt minister Van der Hoeven (Economische Zaken) nog tussen twee wetsteksten.

Het voorstel voor de verschillende bepalingen is een opvallend punt uit het consultatiedocument, dat afgelopen week openbaar is gemaakt. De komende weken hebben organisaties en belanghebbenden de tijd om hun mening kenbaar te maken bij het Projectteam Aanbesteden van het ministerie. Het streven is de wet vanaf 2009 in werking te laten treden, maar vooralsnog ligt de Eerste Kamer dwars bij het goedkeuren van de onderliggende raamwet.
Desondanks gaat het ministerie uit van een goede afloop en zet de laatste consultatieronde door voor de onderliggende uitwerking van de Aanbestedingswet. De tekst voor die twee voorstellen zijn in principe klaar, maar kunnen nog worden aangepast. Het ene document zal het huidige Bao (besluit aanbestedingsregels voor overheidsopdrachten) in zijn geheel vervangen, het andere is slechts een beperkte aanpassing van Bass (besluit aanbestedingen speciale sectoren).
Het ministerie legt de vraag open neer voor een verplichting van aanbestedende diensten om opdrachten in percelen te knippen of te kiezen voor een motiveringsplicht voor de grootte van de opdracht. Daaruit blijkt duidelijk dat minister Van der Hoeven de intentie heeft om opdrachten niet verder te clusteren om te voorkomen “dat kleinere bedrijven ten onrechte worden uitgeschakeld”.
Een voornemen dat lijnrecht tegenover het beleid van Rijkswaterstaat en de Rijksgebouwendienst staat, die de laatste jaren juist kiezen voor clustering en samenvoegen van zoveel mogelijk contracten. Als het aan Economische Zaken ligt, mag dat alleen nog als de aanbestedende dienst kan aantonen dat clustering schaalvoordelen biedt.
Om het midden- en kleinbedrijf tegemoet te komen, mag een aanbestedende dienst geen hogere geschiktheidseisen stellen aan combinaties. Bovendien mag een dienst maximaal drie referentieprojecten eisen, waarbij de omzet niet meer dan 60 procent mag zijn van de geraamde omvang van het nieuwe project. Hogere eisen zijn alleen mogelijk in bijzondere gevallen. Het ministerie huldigt daarbij het principe van ‘comply or complain’.
Een andere ingrijpende wijziging is dat eisen over draagkracht en capaciteit alleen gelden bij het vaststellen van de geschiktheid en níet mogen meewegen bij de selectiecriteria. Een aanscherping waar veel aanbestedende diensten niet blij mee zijn omdat zij een voorkeur hebben voor de grotere bedrijven. “Onnodige bevoordeling van grote ondernemers ten opzichte van kleine ondernemers”, oordeelt het ministerie.
Ook de eisen voor een bankgarantie, perkt de wetgever drastisch in. De aanbestedende dienst mag nog maar hooguit 5 procent van de opdrachtwaarde eisen. Een zwaardere bankgarantie is alleen toegestaan in bijzondere gevallen zoals dbfm-contracten. De zogenoemde ‘eigen verklaring’ geldt voor tien selectie-eisen. Alle inschrijvers moeten vooraf tekenen te voldoen aan de eisen voor omzet, inschrijvingen en belastingen, maar alleen de winnaar moet al die stukken daadwerkelijk inleveren. Een daarvan is de zogenoemde integriteitsverklaring. Bedrijven zijn verplicht om jaarlijks deze zogenoemde Covog-verklaring op te vragen bij het ministerie van Justitie. Bij alle werken boven de 1,5 miljoen euro zal de opdrachtgever ernaar vragen. Aanbestedende diensten zijn verplicht zonder verklaring de inschrijvingen uit te sluiten.

Uitsluiting

Een onherroepelijke veroordeling voor lidmaatschap criminele organisatie, fraude, witwassen en omkoping leidt in principe tot een uitsluiting van vier jaar. Justitie kan dit tot een jaar beperken als het bedrijf maatregelen treft. Het ontslaan van betrokken bestuurders speelt daarin een grote rol. Ook veroordelingen van de NMa wegen mee. Voor de bouwfraude maakt de wetgever een uitzondering als de overtredingen van de Mededingswet van voor 1 januari 2003 zijn.
Rijk, provincie, gemeenten en waterschappen zijn verplicht straks dezelfde procedures en termijnen te volgen. Daarbij valt op dat de termijnen voor inschrijving behoorlijk zijn ingekort. De minimum periode voor een normale opdracht gaat terug van 45 naar 32 dagen en het verzoek voor deelneming bij een niet openbare procedure is nog maar 17 dagen in plaats van de huidige 30 dagen. Aanbestedende diensten zijn verplicht om altijd minimaal drie offertes op te vragen.
De dienst is verder verplicht om opdrachten via TenderNed openbaar te maken en onderliggende bestekken gratis ter beschikking te stellen. Gelijktijdig met de gunning is de dienst verplicht de afwijzingsbeslissing voor de overige inschrijvers te motiveren. Daar horen alle eindscores bij een economisch meest voordelige aanbieding bij. Per inschrijver is de opdrachtgever verplicht ook de scores op specifieke kenmerken openbaar te maken met een motivering voor het niet behalen van de maximale score.
Het motiveren en openbare van de scores gebeurt momenteel niet tot nauwelijks. Vooral omdat opdrachtgevers bang zijn opdrachtnemers informatie in handen te geven waarmee zij naar de rechter kunnen stappen om een gunning aan te vechten. Bovendien betekent het motiveren per inschrijver een forse lastenverzwaring voor de aanbestedende diensten. Aanbestedende diensten moeten binnen tien dagen reageren op een verzoek om informatie. Dan blijven nog vijf dagen over van de zogenoemde ‘stand-still’-termijn van 15 dagen om eventueel bezwaar te maken.

Eigen verklaring geldig voor:

l naam en adresgegevens
l inschrijving Kamer van Koophandel
l integriteitsverklaring (Covog)
l betaling sociale premies
l geen staat van faillissement of surseance
l jaarstukken gedeponeerd zonder continuïteitsverklaring van accountant
l omzeteis
l bijzondere vergunningen, lidmaatschappen of kwalificaties
l beschikking over originelen voor referentieopdrachten

Opdrachten onder de drempel

Onder de 50.000 euro (vrijstelling, geen regels)
Toegestane procedures:
l Voor alle opdrachten: 1 – openbare EU-procedure: inschrijvingstermijn 32 dagen
2- niet-openbare EU-procedure: deelnemingstermijn 17 dagen, inschrijvingstermijn 21 dagen
3 – onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking (termijnen zie vorige)
l Voor alle opdrachten, muv werken groter dan 1,5 miljoen euro
1 – meervoudig onderhands: geen voorgeschreven termijnen
l Voor bijzondere opdrachten (boven de drempel)
1- concurrentiegerichte dialoog
2- onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking
Uitzonderingen op de aanbestedingsplicht boven de drempel gaan ook gelden voor onder de drempel

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels