nieuws

Renderen investering is sleutel wijkaanpak

bouwbreed

Minister Vogelaar wil dat er vele miljoenen geïnvesteerd worden in het verbeteren van woonwijken. Volgens Riet Duykers en Saskia Voets wordt er nauwelijks gekeken naar de effecten van die investeringen.

Minister Vogelaar wil dat er vele miljoenen geïnvesteerd worden in het verbeteren van woonwijken. Volgens Riet Duykers en Saskia Voets wordt er nauwelijks gekeken naar de effecten van die investeringen.
Is er sprake van minder schooluitval? Of, is het vandalisme teruggedrongen? In het kader van de effecten van de investeringen wijzen wij op de negatieve effecten van de maatregel van samenscholingsverbod die momenteel in veel gemeenten van toepassing is. Voor de korte termijn lijkt deze maatregel een instrument om de leefbaarheid beheersbaar te houden maar men moet zich ervan bewust zijn dat er negatieve effecten aan deze maatregel kleven. Wat te denken van het effect dat dit heeft op de waarde van een woning. Nu al zijn er opmerkingen van potentiële kopers die aangeven geen huis te willen kopen in een wijk waar een samenscholingsverbod heerst. Het negatieve imago dat door deze maatregel extra wordt versterkt klinkt nog lange tijd na.
Echte wijkvernieuwing begint bij te weten waar je het verschil kunt maken. Leefbaarheid gaat om mensen en minder om gebouwen. Daarbij is het van belang ervoor te zorgen dat die 250 miljoen het gewenste rendement tot resultaat heeft.
Veel ‘wijkvernieuwers’ gruwen bij deze economische instelling. Maar juist als het om mensen gaat, moet je scherp kijken naar wat mensen boeit. Hoe staat het met werkloosheid, criminaliteit, schooluitval, vandalisme en het opleidingsniveau in een wijk? Dat valt in een voorstudie te koppelen aan investeringen en zo kun je na een bepaalde tijd toetsen of die onderwerpen verbeterd of verslechterd zijn. Dat gebeurt nauwelijks.
Denk verder aan een kosten/batenanalyse. Welke investeringen gebeuren er op sociaal-economisch niveau? Hoe zou dat effectiever kunnen? Dit is moeilijk te meten doordat sommige investeringen vooraf niet worden getoetst, zoals dat het geval is met de brede scholen.
Er zijn methodieken ontwikkeld, waarbij je vroegtijdig signaleert als zaken uit de hand dreigen te lopen. Signalen zoals verwaarlozing van openbare ruimte, achterstallig onderhoud, groot verloop onder huurders, spanningen tussen bevolkingsgroepen, (buren)overlast, oplopende irritaties, leer- en opvoedingsproblemen bij kinderen en meer mensen met schuldproblemen tonen het achteruit gaan van een buurt of wijk aan.
Door tijdig in te grijpen met een combinatie van gerichte maatregelen die in samenhang worden uitgevoerd valt de schade te voorkomen. Met zo’n systeem keert mogelijk ook weer het vertrouwen terug tussen de woningcorporaties en het ministerie, want dat lijkt ver te zoeken. Als alle partijen weten waarvoor ze investeren en vooral zien welk effect dit heeft op de wijk, komt dit de relatie tussen corporaties en minister ten goede. Dat is niet alleen goed voor de beide partijen maar juist voor de bewoners van die wijken.

De corporaties en VROM hebben afspraken gemaakt over investeringen van 250 miljoen euro per jaar voor het verbeteren van veertig woonwijken. Die wijken zijn aangewezen door minister Vogelaar. Afgesproken is dat de woningcorporaties hieraan een flinke bijdrage moeten leveren. De minister wil investeren in leren, werken, veiligheid en integratie omdat ze zich bewust is dat wijkvernieuwing niet ophoudt met stenen stapelen. Je zult ook voor lange tijd moeten investeren in mensen die kwetsbaar zijn.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels