nieuws

Openbaarheid en transparantie ook nodig bij concessies van openbare diensten onder drempel

bouwbreed

Op het eerste gezicht hebben de bouw en het beheer van paardeweddenschappen niets met elkaar te maken, de link is echter dat ze beide worden aanbesteed. Het hier behandelde arrest gaat weliswaar over concessies/diensten, maar heeft ook betekenis voor de bouwpraktijk.

D e Europese Commissie heeft in de zaak C-260/04 tegen de Italiaanse lidstaat het Europese Hof van Justitie verzocht vast te stellen dat door zonder enige aanbestedingsprocedure ter zake 329 bestaande concessies voor het beheer van paardenweddenschappen te hernieuwen, de verplichtingen van het EG-verdrag niet zijn nagekomen. In het bijzonder zouden het algemene transparantiebeginsel en de verplichting tot openbaarheid zijn geschonden. Het arrest van het Europese Hof van Justitie in deze zaak is van 13 september 2007 (http://www.curia.europa.eu/jurisp).
Deze overheidsopdracht valt buiten werking van de aanbestedingsrichtlijn van diensten, maar wel doet de Europese Commissie een beroep op de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, zoals neergelegd in het EG-Verdrag (transparantie en openbaarheid). Juist dit beroep op het EG-Verdrag komt ook aan de orde bij aanbestedingen van werken die onder de drempelbedrag voor werken vallen. Strikt genomen, valt de opdracht van werken met een opdrachtwaarde onder de drempel dan ook buiten de werkingssfeer van de aanbestedingsrichtlijn, maar het EG-Verdrag kan met zijn algemene gelding met zich meebrengen dat beginselen van transparantie en non-discriminatie geschonden zijn.

De feiten

De organisatie en beheer van spelen en weddenschappen ter zake paardenrennen valt onder de verantwoordelijkheid van de Italiaanse ministeries van Financiën en Landbouw, Voeding en Bosbouw. Deze ministeries hadden de bevoegdheid hierin zelf te voorzien dan wel het over te laten aan een openbare instelling of bedrijven. Van oudsher was de Unire, de Italiaanse ‘nationale unie voor de verbetering van paardenrassen’, door de ministeries belast geweest met het beheer c.q. was zij concessiehouder.
Het toevertrouwen van het beheer en de inzameling van deze paardenweddenschappen moet worden beschouwd volgens de Europese Commissie als een concessie voor openbare diensten. De kwalificatie van het beheer van de paardenweddenschappen als concessie door de Europese Commissie is niet betwist door de Italiaanse autoriteiten. Zonder enige vorm van aanbesteding hebben de Italiaanse ministeries 329 reeds bestaande concessies voor paardenweddenschappen hernieuwd en wederom gegund aan Unire.
Uit de sector van de paardenweddenschappen was een klacht gekomen van een marktdeelnemer, waarna deze zaak uiteindelijk bij het Hof terecht kwam. In dit arrest wordt ook verwezen naar eerdere uitspraken, waarin al was bepaald dat de nationale autoriteiten bij het toevertrouwen van concessies voor openbare diensten de beginselen van non-discriminatie en transparantie moet waarborgen, zodanig dat de openbaarheid, open mededinging voor de dienstenmarkt en onpartijdigheid bij aanbestedingsprocedures gediend worden.
De Italiaanse autoriteiten stellen dat zij gehandeld hebben in overeenstemming met de eisen van het EG-Verdrag op het gebied van concessies voor openbare diensten. Voor zover dat al niet het geval was, dan was de verlenging van de bestaande concessies gerechtvaardigd vanwege dwingende redenen van algemeen belang. Er bestond een noodzaak om de concessiehouders continuïteit, financiële stabiliteit en een aanvaardbaar rendement op hun investeringen uit het verleden te geven en om illegale activiteiten op het gebied van inzameling en beheer van weddenschappen te ontmoedigen. In geval van dwingende redenen van algemeen belang kan worden afgeweken van de open mededinging van de openbare diensten.

De beoordeling

In deze zaak volgt het Hof van Justitie het oordeel van de Europese Commissie dat het geheel ontbreken van een aanbesteding ter zake de toewijzing van de concessies voor beheer van de paardenweddenschappen aan Unire in strijd is met het in het EG-Verdrag opgenomen algemene transparantiebeginsel en het beginsel van openbaarheid.
Het Europese Hof onderzoekt nog wel of de verlenging c.q. hernieuwing van de bestaande concessies aan Unire om dwingende redenen van algemeen belang niet behoefde te worden aanbesteed (art. 45 en 46 EG Verdrag). Echter het Hof komt tot het oordeel dat er in deze zaak ook geen dwingende redenen van algemeen belang aanwezig waren, die afwijking van het EG-Verdrag rechtvaardigde.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels