nieuws

Normen voor bruggenmogelijk te streng

bouwbreed Premium

Dat een grote kloof gaapt tussen theorie en praktijk van betonnen constructies, blijkt eens te meer uit de recente rapportage over bruggen van Rijkswaterstaat. Want de viaducten die op papier zo’n beetje bezweken, laten in de praktijk nog weinig schade zien. Misschien zijn de normen wel te streng.

Dwarskrachtwapening is het belangrijkste aandachtspunt van de vijf ingenieursbureaus die voor Rijkswaterstaat de betonnen kunstwerken van voor 1975 tegen het licht houden. Vóór dat jaar werd ervan uitgegaan dat belastingen voor een deel ook door trek in het beton naar de kolommen en de fundering konden worden afgevoerd. Sinds 1975 is voor dwarskracht veel beugelwapening voorgeschreven.
De aanstaande Eurocodes dreigen nogmaals een verzwaring van de wapeningseisen tot gevolg te hebben. Na 2010 mag ongeveer geen enkele treksterkte meer worden toegekend aan beton. Maar daar heeft het onderzoek waarvan Rijkswaterstaat vorige week een tussenrapportage vrijgaf, nog niet eens op gelet.
De 2000 kunstwerken in, over of onder rijkswegen die Rijkswaterstaat onder de loep nam, zijn alleen beoordeeld tegen de huidige regels en verkeersbelasting. Ze zijn de afgelopen jaren allemaal visueel geïnspecteerd en verder zijn de belangrijkste parameters verzameld: hoogte, breedte, overspanningslengte, constructietype en dergelijke. Op basis daarvan werd geconcludeerd dat 1180 kunstwerken nader moeten worden onderzocht.
Tot eind dit jaar gaan Oranjewoud, Arcadis, Movares, Wagemaker en TEC die constructies stuk voor stuk doorrekenen. Een enorme berg werk, realiseert Dick Schaafsma van de bouwdienst zich. Er is echter een handige werkmethodiek bedacht, waarbij elk bureau zich op één constructietype concentreert. Eén bureau bekijkt de liggerviadcuten, een ander de plaatviaducten, weer een ander richt zich vooral op de tandconstructies, enzovoorts.

Internationaal

En dan? Dat is de grote vraag. Ook voor Schaafsma. Er zijn collega’s binnen de bouwdienst die verwachten dat er daarna nog wel zeven tot achthonderd bruggen overblijven die constructief moeten worden versterkt. Het plan van aanpak daarvoor wordt volgende zomer gepresenteerd.
Ondertussen kijkt een internationale werkgroep mee of de onderzoeken representatief zijn, niets over het hoofd zien en of slimme, werkbare oplossingen worden gekozen. In het buitenland kampt men immers grotendeels met dezelfde problematiek. Nederland trekt de kar internationaal gezien een beetje, maar volgens Schaafsma is dat niet zo vreemd. In Nederland is vervoer tot 50 ton zonder speciale maatregelen toegestaan, waar omringende landen de grens trekken bij 44 ton. “Door de aanwezigheid van de Rotterdamse haven zijn onze wegen echt de zwaarst belaste van Europa. Het probleem met overbelaste, verouderde constructies is bij ons dus urgenter dan in de omringende landen.”
Daarnaast vindt ook nog een internationale workshop plaats naar dwarskracht. Want ook daar valt op dat constructies die theoretisch tegen het einde van hun levensduur lopen, in de praktijk weinig schade laten zien. Zelfs bij de kritische tandconstructies, een veelgebruikt detail waarin de problematiek van de dwarskrachten een rol speelt, is dat het geval.
Strukton heeft onlangs op verzoek van de bouwdienst zo’n tandconstructie in knooppunt Muiderberg bloot gehakt om hem goed te kunnen bestuderen. Camera’s werden neergelaten tussen de liggers om elke mogelijke scheur te kunnen waarnemen, meer er viel helemaal niets te zien. Nu wordt het brugdek conform de huidige voorschriften versterkt met voorspanstaven die schuin door het brugdek steken. “Maar misschien is dat allemaal wel een beetje overdreven,” suggereert Schaafsma. “Daarom die internationale workshop onder leiding van hoogleraar betonconstructies prof.dr.ir. Joost Walraven.”

Praktijkproeven

Het zou mooi zijn als die workshop ook de beschikking had over de uitkomsten van de grootschalige praktijkproeven die Schaafsma graag wil nemen. Want de Voorschriften Beton uit 1974 en de Eurocodes zijn gebaseerd op betrekkelijk kleinschalige laboratoriumproeven.
Het gedrag van kleine betonnen balken in een drukbank is daarin vertaald naar voorschriften van de bouw van grote (voorgespannen) liggers en dekken in de praktijk. Schaafsma: “In die praktijk doen zich voorlopig bij lange na niet de problemen voor die je op grond van die laboratoriumproeven zou verwachten. Daarom is recent bij Rijkswaterstaat het idee ontstaan om twee viaducten in de A76 die toch gesloopt moeten worden, vol te stouwen met meetapparatuur en ze vervolgens tot bezwijken te belasten.”
Volgende week wordt al een viaduct bij Den Bosch proefbelast, maar niet zo drastisch als Schaafsma bij de A76 van plan is. “Dat zou mondiaal een uniek experiment zijn dat het inzicht in de werking van betonconstructies enorm zou vergroten.” Rijkswaterstaat hikt vooralsnog erg aan tegen de kosten. Volgens Schaafsma is het niet irreëel als de markt mee zou doen en een deel van de kosten voor zijn rekening zou nemen. “Per slot van rekening profiteert iedereen van de uitkomsten van zo’n proef.”

Reageer op dit artikel