nieuws

Luxe verplaatsbare schaftkeet moet Nederland veroveren

bouwbreed Premium

Huib van Dijk, European sales manager voor Cabin Centre, denkt dat in navolging van Groot Brittannië ook de Nederlandse bouwvakker toe is aan een luxe keet om zijn bammetjes naar binnen te werken.

Een schaftkeet is meestal een sluitpost is. Vooral kleine bedrijven laten hun personeel liever in de bus eten en koffiedrinken en als sanitaire voorziening voldoet een Dixie-toilet ook prima. In Groot-Brittannië is dat uit den boze. Daar schrijft regelgeving voor dat een schaftkeet van meerdere gemakken voorzien moet zijn. Cabin Centre, een grote Engelse speler in de markt van verplaatsbare gebouwen, levert praktisch alle soorten en maten. Van tijdelijke gebouwen tot directieketen en dus ook schaftketen. Van Dijk: “Het idee voor de ‘Welfare Pod’, vrij vertaald een welzijnscocon, is ontstaan doordat de regels in Engeland erg streng zijn. Regulation 22 bepaalt dat een schaftkeet voorzien moet zijn van sanitair, wasgelegenheid en drinkwater. Bouwvakkers moeten in de keet kunnen uitrusten en eten. Er moet een ruimte zijn waar ze hun kleding kunnen ophangen en waar ze zich om kunnen kleden. Dat is allemaal bij wet geregeld.”

Keukenblokje

Cabin Centre bedacht toen een luxe schaftkeet die qua plattegrond veel wegheeft van een uiterst Nederlands gebruiksvoorwerp: de caravan. Zo is er voorin een tafel met ruimte voor zes bouwvakkers, een keukenblokje met stromend water, een magnetron en een waterkoker. Aan de achterkant – alleen buitenom bereikbaar – zit een vast toilet en een flinke wasbak waar de handen gewassen kunnen worden. Een deur verder zit een hok met een generator die de accu’s van stroom voorziet en het tevens mogelijk maakt om natte kleding te drogen doordat er een soort aluminium verwarmingselement in is gebouwd.
De keet is ongeveer 5 meter lang en 2 meter breed en weegt 1900 kilo. Dat maakt hem geschikt als aanhanger voor snelverkeer. Een beetje bouwvakkersbus of auto met fourwheeldrive trekt hem met gemak. De as van de aanhanger kan mechanisch worden ingetrokken waardoor de keet stabiel op de onderplaat staat en niet gestempeld hoeft te worden. De aanhangers zijn een doorslaand succes in Engeland en Ierland.
Van Dijk denkt dat de luxe schaftkeet ook in Nederland een succes kan worden. “Op dit moment wordt hard gewerkt aan een aantal prototypes voor de Nederlandse markt. Die verschillen namelijk wel enigszins van de Britse. In Engeland zit er bijvoorbeeld geen enkel raam in. Het Nederlandse model krijgt wel een raam. En de deuren zitten voor ons aan de verkeerde kant. Omdat we hier rechts rijden is het gevaarlijk de deuren links te hebben. We draaien de plattegrond dus als het ware om. Binnenkort hopen we de RDW-keuring rond te krijgen en daarna hoop ik dat Nederlandse bedrijven de keet willen testen.”
Van Dijk roept bedrijven op zich te melden. “We hebben er geen honderden hoor. Maar we willen graag wat feedback vanuit de markt om te zien of het kan aanslaan. Eén grote bouwer heeft zich al gemeld.” Cabin Centre biedt de keten zowel te koop als te huur aan. Verhuurbedrijven hoeven zich voorlopig niet te melden want dan zouden ze gaan concurreren met de uitvinders.
De Welfare Pod heeft een aantal slim uitgedachte features. Zo wordt een liter van het water waarmee de handen worden gewassen opgeslagen en met dat water wordt later het toilet doorgetrokken. Vervolgens verdwijnt het vuile water in een tank die onder de keet zit. Eén maal per week komt een tankwagen de keet leegzuigen en het drinkwater verversen. De keet hoeft dus niet op het waterleidingnet te worden aangesloten.
De generator die de accu’s oplaadt en daarmee stroom levert voor de magnetron en de verlichting slaat na anderhalf uur automatisch af. Bouwvakkers kunnen dus rustig eten zonder het lawaai van de generator in de ruimte naast het schaftgedeelte.
Van Dijk denkt dat de keet vooral bij kleinere aannemers in de smaak zal vallen. “Er is maar ruimte voor zes man. Dus voor de grotere projecten is hij ongeschikt. Maar daar staan toch al grote directieketen. De ‘Welfare Pod’ is vooral makkelijk in de steden. Voor stratenmakers bijvoorbeeld.”

Reageer op dit artikel