nieuws

‘Geen verplichte verzekering voor DFBMO-projecten’

bouwbreed Premium

Het is niet wenselijk om vanuit de rijksoverheid verzekeringen voor te schrijven bij DBFMO-projecten. Dat staat in het rapport ‘DFBM(O) en verzekeringen’ van een rijksbrede werkgroep met vertegenwoordigers van Rijkswaterstaat, Defensie, Rijksgebouwendienst en Financiën, geadviseerd door de markt.

Het is niet wenselijk om vanuit de rijksoverheid verzekeringen voor te schrijven bij DBFMO-projecten. Dat staat in het rapport ‘DFBM(O) en verzekeringen’ van een rijksbrede werkgroep met vertegenwoordigers van Rijkswaterstaat, Defensie, Rijksgebouwendienst en Financiën, geadviseerd door de markt.
Binnen de rijksoverheid wordt in principe geen gebruik gemaakt van verzekeringen. Maar opdrachtnemende private partijen proberen de risico’s waar zij voor verantwoordelijk zijn zo goed mogelijk te beheersen of te verzekeren. Aan een verzekering hangt een prijskaartje waarmee het onderwerp ook de opdrachtgever raakt.
Het ‘non-recourse’ karakter van DBFMO-financieringen zorgt ervoor dat banken als waakhond fungeren tijdens het project. Het ‘non-recourse’-karakter betekent dat de banken in beginsel geen zekerheden kunnen uitwinnen in het geval de SPV (‘Special Purpose Vehicle’, het samenwerkingsverband van de consortiumpartners die het DBFM(O)-contract sluit met de rijksoverheid) niet meer aan de betalingsverplichtingen kan voldoen. Daarom houden zij continu toezicht op de prestaties van de opdrachtnemer.
De SPV zal door middel van het bouwcontract en de onderhouds- en exploitatiecontracten zoveel mogelijk taken en risico’s overdragen aan uitvoerende partijen (consortiumpartners en andere (onder)aannemers), die op hun beurt zullen beoordelen in welke mate verzekeringsdekking nodig en wenselijk is. Uitgangspunt is dat er geen onverzekerbare risico’s en onbeheersbare risico’s bij de SPV achterblijven, omdat anders de financierbaarheid in het geding komt.

Reageer op dit artikel