nieuws

‘Warmtepomp moet een belegging worden’

bouwbreed Premium

Opdrachtgevers praten bij de bouw van een warmtepomp altijd over terugverdientijden. Directeur Jaap van Eck van Forteck, dat de milieuvriendelijke energiesystemen ontwikkelt en bouwt, vindt het een onzinnige discussie. “De financiering van een warmtepomp kun je vergelijken met die van een huis. Als de hypotheek is afgelost, is het van jou.”

In de rekensommetjes die gemaakt worden om de terugverdientijd te becijferen, zitten volgens Van Eck zoveel aannames dat je er eigenlijk niets aan hebt. Daarbij komt dat het bij de koude-warmte opslaginstallatie (KWO), die energie in de grond opslaat door warm water in de grond te pompen, veel toegepaste exploitatiemodel de belangrijkste voordelen totaal negeert. “Bij een conventionele installatie bepaalt de instabiele energieprijs uiteindelijk de kosten. Een KWO heeft daar geen last van. De benodigde investering en kosten voor exploitatie kun je gewoon uitrekenen.”
Om de terugverdientijd te berekenen wordt het niet-meer-dan-anders-principe gehanteerd. “De eigenaar van de KWO gaat er dan van uit dat de afnemer nooit meer betaalt dan hij gedaan had bij een gas gestookte verwarming”, vertelt Van Eck.
Het resultaat van het niet-meer-dan-anders-principe is dat de financier van de warmtepomp in korte tijd de installatie heeft terugverdiend. Bij een KWO die bijvoorbeeld een bedrijventerrein van koude en warmte voorziet is de investering door de besparing op de energierekening bij de huidige gasprijzen binnen vijf tot acht jaar terugverdiend. “Maar dat is luchtfietserij”, stelt Van Eck. “Want stijgen de energieprijzen, en dat zou heel goed kunnen, dan is de terugverdientijd aanzienlijk korter.”
Gaat het niet-meer-dan-anders-principe overboord, dan wordt volgens Van Eck de KWO net als vastgoed een hele stabiele en daardoor vrijwel risicoloze belegging. “En dat willen beleggers”, stelt de telg uit een Haagse slopersfamilie. Om zijn installaties te financieren, praat hij daarom met verschillende particuliere beleggers. “Zij brengen eigen geld in, want dat heb ik niet. En de bank verstrekt een lening.”

Vehikel

Particulieren financieren nu de groei en ontwikkeling van de markt voor warmtepompen, maar Van Eck denkt dat op korte termijn ook institutionele beleggers belangstelling krijgen voor de energiesystemen. “Ik zet nu een beleggingsvehikel op waarin ik het eigendom van een aantal KWO’s onder ga brengen. Op termijn kan zoiets heel interessant zijn voor bijvoorbeeld Rodamco of een pensioenfonds.”
Van Eck gooide eind jaren negentig het roer van het gelijknamige familiebedrijf om. Tot die tijd had de onderneming meer dan honderd jaar zijn geld verdiend met aanvankelijk sloopwerk en later ook de verhuur van afvalcontainers voor de bouw. In 1999 ging de containerverhuur de deur uit. Datzelfde jaar kocht Van Eck de Rotterdamse aannemer Bruins en in 2001 haalde hij de boring- en bemalingsspecialist Tjaden binnen. De omzet van de onderneming groeide mede door de overnames in korte tijd van zo’n 8 miljoen euro naar nu 20 miljoen euro.
Ondertussen had een aantal stagiaires voor Van Eck de markt voor koude in kaart gebracht. En uit de studies bleek dat de toen nog maar mondjesmaat toegepaste techniek de komende jaren een grote vlucht zou nemen. “Klimaatverandering en hoge brandstofprijzen zorgen er voor dat de milieuvriendelijke verwarmingsmethode steeds meer toegepast zal worden.” Van Eck, die zijn onderneming inmiddels heeft omgedoopt in Forteck, nam daarop een aantal mensen in dienst die het warmtepompsysteem van binnen en van buiten kenden.

Klimaat

De markt voor KWO’s groeit volgens de ondernemer razend snel. Van Eck schat de huidige omvang op 100 tot 150 miljoen euro. Over vijf jaar rekent hij op een markt van in totaal 1 miljard euro. “Tegen die tijd moet de helft van alle nieuwbouwwoningen met een warmtepomp worden uitgerust. Dat zijn zo’n 30.000 woningen per jaar.”
In vijf jaar tijd wil Van Eck de omzet die hij realiseert met het ontwikkelen en bouwen van warmtepompen bijna verviervoudigen van 4 miljoen euro nu naar 15 miljoen euro in 2015. Onder invloed van de huidige aandacht voor het klimaat en energiebesparing heeft hij het volste vertrouwen in die ambitie. “Vier jaar geleden vonden opdrachtgevers het interessant, vorig jaar wilden ze praten en nu willen ze meteen aan de slag.”

Reageer op dit artikel