nieuws

EU-regelgeving bij publiek private samenwerking, nuttig of niet?

bouwbreed Premium

Binnen de Europese Unie gaan stemmen op om te komen tot regelgeving voor de publiek private samenwerking. Bij dit initiatief rijst een aantal vragen: in welke mate moet de Europese Commissie zich bemoeien met deze samenwerkingsvormen? Kan het reguleren van de markt zorgen voor een verschuiving van kennis naar landen buiten de Europese Unie?Binnen de Europese Unie gaan stemmen op om te komen tot regelgeving voor de publiek private samenwerking. Bij dit initiatief rijst een aantal vragen: in welke mate moet de Europese Commissie zich bemoeien met deze samenwerkingsvormen? Kan het reguleren van de markt zorgen voor een verschuiving van kennis naar landen buiten de Europese Unie?

Door het creëren van wetgeving voor publieke private samenwerking wordt het geheel overzichtelijk en controleerbaar voor overheden. Op dit moment is de expertise van de ambtenaren op het ministerie van Verkeer en Waterstaat niet toereikend voor een optimale samenwerking. Door de invoering van regels wordt het gehele samenwerkingsproces voor hen inzichtelijker. Dit leidt tot een eenduidige handelwijze binnen de ambtenarij.
De FIEC (Europese Federatie van Bouwondernemingen) is echter van mening dat door een dergelijke regelgeving het uitvoeren van projecten nooit optimaal zal zijn, omdat het uitvoeren van projecten vaak om maatwerk vraagt. Eigen inbreng zal gedwarsboomd worden door onwrikbare regelgeving.

Verdeling van risico’s

Op het gebied van risicoverdeling is de FIEC wel van mening, dat de verdeling tussen publieke en private partners het best in richtlijnen kan worden vastgelegd. Deze zouden dan een leidraad kunnen vormen voor de samenwerking. Dit is vooral bij de verdeling van de risico’s tussen de betrokken partijen in de samenwerking goed toepasbaar. Een idee is het om de risico’s zo op te delen, dat per risico de meest capabele partij wordt gezocht. Zo kan de private partij het beste het bouwrisico en het exploitatierisico dragen. Zij is hier immers direct bij betrokken.
De samenwerkingsvorm heeft de laatste tijd een beperkte groei doorgemaakt. Dit is vooral te wijten aan de nog steeds aanwezige tegenstellingen tussen private en publieke partijen. Het invoeren van regelgeving zal hier niet aan bijdragen. Het wordt de private partij daarmee niet aantrekkelijk gemaakt om creativiteit in het proces rond een project te stoppen. De samenwerkingsvorm ligt immers al vast in de regels, initiatief tonen zal dan geen invloed op het verloop van dit proces hebben. De ontwikkeling van de pps zal op deze manier stagneren. Dit kan tot gevolg hebben dat partijen hun interesse in bijvoorbeeld de Europese markt verliezen. Op deze manier zal kennis van pps verloren gaan naar andere landen buiten de EU.
Vanuit het oogpunt van de overheden is het ook niet aantrekkelijk om mee te gaan in nieuwe, experimentele samenwerkingsvormen wanneer van hoger hand een regelgeving is opgelegd. Het is voor hen niet aantrekkelijk om risico’s te lopen met de investeringen door mee te gaan in nieuwe ontwikkelingen in de samenwerking. Aan innovatie zijn immers altijd financiële risico’s verbonden.

Maatwerk

Gesteld kan worden dat een regelgeving gericht op publiek private samenwerkingsvorm nadelen met zich meebrengt. Het uitvoeren van projecten vraagt vaak om maatwerk. Met de invoering van regelgeving wordt optimalisatie van het proces bemoeilijkt. Creativiteit wordt niet gestimuleerd omdat een standaard gevolgd moet worden. Daarnaast wordt innovatie van het samenwerkingsproces niet gestimuleerd. Desondanks kan er een betere risicoverdeling optreden bij het invoeren van regelgeving, waardoor de risico’s bij de juiste partijen komen te liggen. Wanneer de EC besluit tot regelgeving zal overal dezelfde maatstaf toegepast worden, wat leidt tot eerlijkere concurrentie binnen de EU. Het blijkt dat het invoeren van regels vooral vanuit het oogpunt van de overheid aantrekkelijk is. Zij heeft er het meeste baat bij. Dit komt naar voren bij het meer inzichtelijk maken van het proces en het beter functioneren van de Europese markt.
Tenslotte kan men stellen dat de EC geen strakke regelgeving moet invoeren. Ze dient wel een set van richtlijnen op te stellen, die zaken als de risicoverdeling regelen. Op deze manier heeft de markt in eerste instantie een houvast voor de samenwerking, maar blijft de mogelijkheid voor optimalisatie en innovatie wel gewaarborgd. Dit zal voor zowel de publieke als de private partijen veel voordelen opleveren.
Sjors Bolleman
Nick Waterman
Rik de Schrijver

Reageer op dit artikel