nieuws

Vlaamse Bouwunie tegen uitbreiding waarborg

bouwbreed Premium

De Bouwunie, die de kleine en middelgrote bouwbedrijven in Vlaanderen vertegenwoordigt, wijst een drastische uitbreiding van de waarborgregeling voor aannemers van de hand. Daarmee keert de organisatie zich tegen de Confederatie van Immobiliënberoepen van Vlaanderen (CIB), die om de invoering van een verplichte 100 procent-voltooiingswaarborg voor aannemers heeft gepleit.

Deze 100 procent-waarborg geldt momenteel alleen voor vastgoedpromotoren en projectontwikkelaars. Erkende aannemers hoeven momenteel maar een waarborg van 5 procent van de totale investeringskosten, bijvoorbeeld voor de bouw van een nieuwe woning, te storten in de Deposito- en Consignatiekas.
Hilde Masschelein, directeur van de Bouwunie, vindt dat logisch. Ze wijst erop dat een aannemer in België alleen een erkenning krijgt om zijn beroep uit te oefenen, wanneer hij de juiste technische kwaliteiten bezit en voldoende kapitaalkrachtig is. Een vastgoedpromotor of projectontwikkelaar kan volgens haar dergelijke kwaliteitspapieren niet voorleggen.

Kwaliteitslabel

Masschelein: “De drempel om een bouwpromotieactiviteit te starten, ligt erg laag omdat daarop geen vestigingswetgeving, registratie- of erkenningsreglementering van toepassing is. Om de consument te beschermen, is het niet meer dan juist dat dergelijke bedrijven een extra waarborg aan hun klanten moeten geven.”
Met de erkenning beschikt de aannemer volgens de Bouwunie over een kwaliteitslabel dat hem in staat stelt te werken voor de overheid. Het veronderstelt dat de aannemer zowel op financieel vlak als op technisch vlak voldoende slagkracht heeft. Een bouwpromotor hoeft dergelijke geloofsbrieven voor zijn solvabiliteit en technische kwaliteiten niet over te leggen.
Dit vormt inderdaad vaak een probleem omdat de bouwpromotor dikwijls geen personeel heeft. Hij besteedt het werk uit aan onderaannemers. Ook is de bouwpromotor niet onderworpen aan de vestigingswetgeving of enig ander kwaliteitslabel. “De klant die met een bouwpromotor in zee gaat, heeft vandaag geen enkele waarborg op technisch vlak. De bouwpromotor hoeft niet aan te tonen dat hij voldoende technisch bouwkundig onderlegd is. Dat is nochtans noodzakelijk om correct te kunnen optreden, bijvoorbeeld in het geval van technische problemen tijdens of na het bouwproces”, zo zegt de Bouwunie.

Controle

De organisatie wijst verder nog op een ander aspect van de erkenningsreglementering van de aannemer, namelijk de administratieve controle van de onderneming. Zo controleert de Erkenningscommissie voor aannemers naar aanleiding van de erkenningsaanvraag onder andere de statuten van het aannemersbedrijf, de correcte inschrijving in de Kruispuntbank Ondernemingen, de vestigingsattesten, de strafrechtelijke overtredingen, de naleving van de verplichtingen in het kader van de registratie van aannemers en de referenties van vroegere werken. Ook licht ze de financiële situatie van de aannemer door. Aan deze controles wordt een niet-erkende bouwpromotor niet onderworpen.
Volgens de Bouwunie ontbreken vandaag de dag de nodige toegangsvoorwaarden tot het beroep van bouwpromotor zoals vestigingsattesten, diplomavereisten, screening inzake het naleven van sociale en fiscale verplichtingen, in dienst nemen van personeel en beschikken over voldoende financiële middelen.

Drempel

Er bestaat een erg lage drempel om een bouwpromotieactiviteit te starten: “Wie wil, kan eenvoudig en snel starten. Dus ook onvakkundige, malafide projectontwikkelaars die niet beschikken over de nodige bouw-knowhow en erop gericht zijn om zo snel mogelijk hoge winsten te maken, ten koste van de klant. Tegenover die ‘vrijheid’ staan logischerwijze hogere waarborgen.” Het vangnet van de 100 procent-waarborg voor het werken met een niet-erkende promotor is volgens de Bouwunie dan ook een noodzaak. Het is logisch dat het voor een erkende aannemer, die een uitgebreide screening heeft doorstaan, volstaat om een minder zware waarborg van vijf procent te geven.”
Het onderscheid in waarborgregeling tussen de erkende aannemer van werken en de bouwpromotor/dienstverlener is volgens de Bouwunie niet discriminatoir: “Het onderscheid is en blijft gerechtvaardigd. De strengere waarborgregeling voor bouwpromotoren dient om de klant de nodige bescherming en waarborgen te geven. De erkende aannemer van werken kan de gevraagde waarborgen wél geven omdat hij voldoet aan de voorwaarden en de kwaliteitseisen van de vestigingswetgeving, de registratie- en de erkenningsreglementering.”

Reageer op dit artikel