nieuws

‘Overheid moet stratenmakers helpen met moderniseren’

bouwbreed Premium

De rijksoverheid moet de stratenmakersbranche te hulp schieten bij het invoeren van machinaal bestraten. Dat vindt directeur Piet Oskam van het Centrum voor Innovatie van de Bouwkolom (CIB).

Slaan overheid en sector de handen niet ineen, dan ziet volgens Oskam de toekomst voor de bestratingssector er somber uit.
Om het machinale bestratingswerk van de grond te krijgen, pleit Oskam voor een door de overheid geleid en betaald herstructureringsprogramma. “Net als bij de modernisering van andere sectoren en bedrijfstakken, moeten mensen worden omgeschoold of op zoek naar ander werk. De bediening van een bestratingsmachine vraagt andere vaardigheden dan stenen leggen”, stelt Oskam.
De overheid moet van de transformatie van de bestratingsbranche de scherpe kantjes afhalen. De introductie van de bestratingsmachine is volgens Oskam pure noodzaak voor de sector. “Nu de arbeidsmarkt steeds krapper wordt, is er al gauw niemand meer die dit zware vak nog uit wil oefenen.”

Kantoorkwaal

Wordt de machine op grote schaal toegepast, dan staat niet langer meer de stratenmaker centraal maar de bestratingsmachine. Oskam: “Het gaat dan niet meer om vakmanschap maar om een deskundige besturing van de joystick. De stratenmaker gaat in de toekomst niet meer door zijn rug maar moet uitkijken voor de kantoorkwaal RSI.”
Het huidige zware stratenmakersvak kost de Nederlandse samenleving aan uitkeringen en zorg in het totaal 200 miljoen euro per jaar. Sinds 1 oktober 2006 is het gebruik van een bestratingsmachine verplicht als het om een te bestraten oppervlakte gaat die groter is dan 1500 vierkante meter. Straatbakstenen, goed voor 10 procent van de markt, zijn hiervan vrijgesteld omdat deze niet in een bestratingsmachine passen.
Op pagina 2:
Bestratingsmachine krijgt geen kans van gemeenten.

Reageer op dit artikel