nieuws

Vondst munitie legt bouwprojecten stil

bouwbreed

vlissingen – Zowel opdrachtgever als aannemer wist anderhalf jaar geleden al dat werkzaamheden aan de Sloelijn in Zeeland een verhoogd risico op explosiegevaar zou opleveren. De vondst van een landmijn legde het spoorlijnproject eind april, amper een maand na de start van de bouw, voor een deel stil.

De plek waar de Sloelijn komt, ligt nabij een oorlogsmonument. Fransen, Schotten en Canadezen vochten er tegen de Duitsers in de Tweede Wereldoorlog. Het historisch onderzoek dat anderhalf jaar geleden werd uitgevoerd, sprak van een verhoogd risico. Toch kozen zowel aannemer Prorail als de opdrachtgever, het ministerie van Verkeer en Waterstaat, ervoor zonder nader onderzoek te starten met de aanleg van de spoorlijn. “We zijn op het verkeerde been gezet door de aanleg van de A58 in de jaren zestig. Daardoor vermoedden wij dat het gebied vrij was van explosieven”, verklaart Anton Korlaar, projectmanager bij Prorail.

Inmiddels is T&A Survey ingeschakeld om het gebied uit te kammen. Korlaar: “Dat kost ons honderdduizenden euro�s, maar”, nuanceert hij, “het is een keuze, zou ik bijna zeggen. Je kunt niet bij elke schop in de grond gaan onderzoeken. Dat kost ook veel geld. Nee, het is niet gevaarlijk, want met het verhoogde risico hebben we wel rekening gehouden. Tijdens de afgravingen werd er gedetecteerd met aangepaste voertuigen.”

De explosievenonderzoekers stuitten tot dusverre op zeven landmijnen. Het gebied wordt redelijk grof schoongemaakt met behulp van een zeefinstallatie. Volgens Korlaar valt het mee met de vertraging. Er wordt rekening gehouden met een aantal weken. Tijdens de heiwerkzaamheden voor de vijf steundragers van het nieuwe viaduct wordt gedetecteerd tot twintig meter diep om te kijken of er ook vliegtuigbommen liggen. “Binnen tien meter rondom de heipaal moeten we de zekerheid hebben dat er geen explosieven liggen.”

Twentekanaal

Ook in het Twentekanaal staakten aannemers onlangs het werk vanwege ontploffingsgevaar. Op aandringen van de aannemer, die er bezig is met baggerwerkzaamheden, vindt een nieuw historisch onderzoek plaats. “Op een bepaald deel wordt het oorspronkelijk onderzoek in twijfel getrokken”, zegt Jeanet Matser namens opdrachtgever Rijkswaterstaat. De vraag is wie de kosten moet ophoesten. In het contract is opgenomen dat het gaat om een �niet verhoogd risicogebied�. Ondanks het feit dat in korte tijd vier projectielen werden gevonden, gaat de opdrachtgever waarschijnlijk niet detecteren. Matser: “De stalen damwanden in het kanaal verstoren de detectie. Daardoor zouden we gebruik moeten maken van duurdere technieken.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels