nieuws

Wie beheert de kwaliteit van de openbare ruimte?

bouwbreed

deventer – De ruimte langs grootschalige infrastructuur als snelwegen en spoorlijnen is in hoog tempo aan het verrommelen. Daar zijn de meeste betrokkenen, welstandcommissies, gemeenten, provincies en Rijkswaterstaat het over eens. Maar over de vraag wie de probleemeigenaar is van de ruimtelijke kwaliteit verschillen de de meningen.

Dat bleek tijdens een �atelier� van Fons Asselbergs, rijksadviseur voor cultureel erfgoed.

Nederland slibt dicht met lelijke dozen, concludeerde het Centraal Planbureau kortgeleden. Asselbergs sluit zich daarbij aan. “Zichtlocaties zijn een drama voor de landschappelijke beleving vanaf de snelweg. Hoe komt de markt aan de illusie dat dit goed is?”

Het was niet de enige vraag die Asselbergs voor het publiek had. “De Woonwet biedt gemeenten de mogelijkheid om eisen te stellen aan de ruimtelijke inpassing in de gemeente, maar verder gaat het niet. Hoe lossen we dit op? Is de Nota ruimte, die de verantwoordelijkheid voor het landschap bij de provincie legt, wel afdoende?”

De belangstellenden in de zaal, variërend van wethouders tot ingenieurs, verschilden hemelsbreed van mening. “De centrale overheid zou de gemeenten eens wat meer ruimte moeten geven om hun eigen ruimte te beheren als het om infrastructuur gaat”, zei een wethouder uit Drenthe. Anderen wierpen tegen dat juist die gemeenten allemaal dezelfde dozen langs de snelweg willen zetten.”

Asselbergs toonde zich geen grote voorstander van het motto van het kabinet �decentraal wat kan, centraal wat moet�. De enige weg is een betere samenwerking. Als voorbeeld gaf hij het nieuwe routeontwerp voor de A12, dat een betere inpassing van de verkeersader in het landschap tot stand moet brengen. Het initiatief ligt hier bij het Rijk, maar de besluitvorming ligt grotendeels bij de gemeente. “Binnen twintig jaar moet het mogelijk zijn om de landschapsvervuiling langs de weg op te lossen”.

Ook Flip ten Cate, directeur van de Federatie Welstand, benadrukt de samenwerking. “Op dit moment staan gemeenten en Rijkswaterstaat te vaak met de rug naar elkaar toe. Gemeenten moeten beseffen dat hun stukje weg onderdeel is van een groter geheel. Rijkswaterstaat moet begrijpen dat gemeenten veel last kunnen hebben van ingrijpende infrastructuur.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels