nieuws

We moeten gewoon werk laten lopen

bouwbreed

nieuwegein – Moest Ballast Nedam begin deze eeuw nog enkele honderden mensen ontslaan, op dit moment ziet directeur personeel en organisatie Teun de Jong het aantal vacatures binnen het bedrijf exponentieel stijgen. Niet alleen heeft het bedrijf behoefte aan méér calculatoren, maar ook aan een ander soort mensen die in staat zijn te werken met de nieuwe contractvorm design & construct. “We laten nu soms al werken lopen omdat we simpelweg de capaciteit niet hebben om het werk te begroten.”

Het sluiten van de divisie in Engeland, een neergaande conjunctuur en de bouwfraude noopten Ballast Nedam rond 2002 tot ingrijpende maatregelen. “Vier jaar geleden werkten bij Ballast Nedam nog 7000 mensen, nu zijn dat er 4000”, zegt De Jong.

“Dit is deels veroorzaakt door de verkoop van onze baggerdivisie, maar ook omdat enkele honderden mensen weg moesten bij ons bedrijf. Nieuwe mensen aannemen was absoluut niet aan de orde. Tot de tweede helft van 2005. Toen waren er ineens vacatures die we niét meer intern konden vervullen, het eerste teken dat het weer wat beter ging. Vanaf begin dit jaar kwamen er in sneltreinvaart vacatures bij. Als de conjunctuur weer aantrekt, heb je als eerste calculators en begroters nodig. Nog voordat er daadwerkelijk gebouwd wordt, moet het werk worden voorbereid. Het probleem is echter dat het vak van calculator altijd een ondergeschoven kindje is geweest. De meeste ingenieurs kiezen voor functies als ontwerper, werkvoorbereider en uitvoerder. Je moet mensen zien te overtuigen dat ook een baan als calculator heel interessant is. Toch zien wij daar mogelijkheden voor.”

Boven op het probleem van het tekort aan mensen, komt het punt dat het vak van calculator inhoudelijk aan het veranderen is, vertelt De Jong. “Overheden gaan steeds meer over op de zogeheten design&construct-contracten. De aannemer krijgt daarbij niet meer tot in detail voorgeschreven wat hij moet bouwen, maar een prestatiecontract waarin staat wat gebouwd moet worden binnen welke tijd. De aannemer krijgt de vrije hand in het precieze ontwerp van het bouwwerk, en kan dus veel meer creativiteit kwijt in een klus. Dit vraagt om veel meer werk in de voorbereidingsfase én een andere manier van calculeren dan we gewend waren onder de oude contracten. Mensen die bekend zijn met deze nieuwe vorm, zijn lastig te vinden. Wij kiezen ervoor dit door middel van interne scholing op te lossen. Maar dat realiseer je niet van de ene op de andere dag. Het gevolg van het tekort aan calculatoren is dat we sommige werken moeten laten lopen, puur en alleen omdat we de capaciteit niet hebben om die werken aan te kunnen.”

Als grootste punten van zorg voor de toekomst ziet De Jong het afnemend aantal jongeren dat voor een technische opleiding kiest, en de vergrijzing. “Er zal niets anders opzitten dan mensen langer door te laten werken. Vervroegd uittreden zal minder vaak mogelijk worden.”

Van taferelen zoals jaren geleden in de ict, waarbij werknemers studenten in de aula opwachtten om ze te vragen alsjeblieft bij hun bedrijf te komen werken, zal volgens De Jong niet zo snel sprake zijn. “Maar als bedrijf zul je steeds meer je best moeten doen om je te onderscheiden van de concurrenten, om ervoor te zorgen dat afgestudeerden ervoor kiezen om bij jou te komen werken.”

Afwisseling

Aan de sollicitatietafel ziet De Jong eveneens een ontwikkeling. “Jongeren willen een baan die afwisseling biedt. Ze willen iedere keer weer een ander project en vooral niet te vaak hetzelfde doen. Terwijl je bij een vak in de bouw vaak juist een aantal keren hetzelfde moét doen om het kunstje goed te leren. Dat zorgt voor ons als bedrijf weer voor een extra uitdaging: kunnen we als bedrijf leuk, afwisselend werk bieden? Daarnaast kun je je op dit moment nauwelijks enige voorzichtigheid permitteren. Je moet meteen beslissen of je iemand wilt aannemen, want negen van de tien keer hebben de kandidaten nog andere sollicitaties lopen. Ballast Nedam wil mensen het gevoel geven dat ze een goede stap maken door hier te komen werken.” 

De Jong ziet ook kansen voor de arbeidsmarkt. “Het openstellen van de grenzen kan een deel van het personeelstekort opvangen. Nederland ontkomt er niet aan om capaciteit uit het buitenland te halen. Natuurlijk, waar je het werk met je eigen mensen kunt oplossen, heeft dat altijd de voorkeur. Bovendien is kennis van de Nederlandse wetten en regels noodzakelijk om een werk hier uit te kunnen voeren. Maar dat is allemaal te leren.”

Hij plaatst echter wel een kanttekening bij de mogelijke toevoer van technici uit het buitenland. “Wat ik zie gebeuren, is dat bedrijven de uitvoering van bouwwerken – wat net zo goed door een ander bedrijf gedaan kan worden – in onderaanneming laten uitvoeren. Alleen de specialismen die kenmerkend zijn voor het eigen bedrijf, worden in huis gehouden. Het gevolg is dat de druk op de onderaannemers om goedkoop te offreren, steeds groter wordt. Daardoor wordt het lastiger om dat met onze huidige lonen te blijven bekostigen. De aanvoer van goedkoper personeel uit andere landen, bijvoorbeeld Polen, kan in dat geval nadelig werken voor ons eigen bouwplaatspersoneel.”

�Bedrijven moeten steeds beter hun best gaan doen om zich te onderscheiden�

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels