nieuws

Poolse onderaannemer ontloopt boete

bouwbreed

haarlem – De Haarlemse rechtbank heeft een Nederlands-Pools bedrijf, dat in 2004 in IJmuiden een huis liet renoveren door een Poolse onderaannemer, geen straf opgelegd.

Voor de acht bouwvakkers van de Poolse onderaannemer was geen tewerkstellingsvergunning aangevraagd. Tot eind vorig jaar waren dienstverlenende bedrijven uit de nieuwe lidstaten van de Europese Unie daartoe wel verplicht.

De Arbeidsinspectie legde het bedrijf destijds een boete op van 4000 euro, 500 euro per werknemer. De bouwonderneming liet de zaak echter voorkomen. Volgens haar was het eisen van een werkvergunning in strijd met het vrije verkeer van diensten. Op grond van Europese regelgeving zouden Poolse dienstverleners recht moeten hebben op een ongestoorde toegang tot de Nederlandse markt om daar diensten te leveren.

Politierechter mr. Van Dam ging daarin mee. In zijn vonnis wees hij er op dat Nederland bij de toetreding van Polen tot de Europese Unie op 1 mei “geen uitzondering op het vrije verkeer van diensten” heeft bedongen. Nederland mocht wel maatregelen nemen om te voorkomen dat het vrije verkeer van diensten gebruikt zou worden om de beperking van het vrije verkeer van werknemers te omzeilen, maar die waren niet onbeperkt.

Notificatieplicht

Het stellen van de eis van een tewerkstellingsvergunning ging volgens Van Dam te ver. Hij noemde dat in zijn uitspraak “een niet-proportionele belemmering van het vrije verkeer van diensten”.

De bouwer werd door de rechter niet strafbaar verklaard en ontslagen van alle rechtsvervolging. De eerder opgelegde boete hoeft hij niet te betalen.

De tewerkstellingsvergunning is inmiddels vervangen door een notificatieplicht. Daardoor is het makkelijker geworden voor dienstverleners uit onder meer Polen om in Nederland aan de slag te gaan. Niettemin blijkt er in de markt nog altijd veel onduidelijkheid te bestaan.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels