nieuws

Ombudsman wijst Rijkswaterstaat terecht

bouwbreed

De nationale ombudsman tikt Rijkswaterstaat hard op de vingers over een prestatiebestek in Zuid-Holland. De dienst heeft zich op verschillende punten “onbehoorlijk” gedragen ten opzichte van de opdrachtnemers, oordeelt de ombudsman die vindt dat de inschrijvers de betaalde 350 euro voor een onvolledig en onwerkbaar bestek moet terugkrijgen.

Elf installateurs maakten de zaak aanhangig via de Stichting Marktwerking Installatietechniek. Het ging om het prestatiebestek van 3 maart 2004 voor onderhoud aan alle verkeers- en verlichtingsinstallaties gedurende 72 maanden langs diverse rijkswegen in Zuid Holland. Het bestek was onduidelijk en onvolledig waardoor de installateurs geen idee hadden waar ze eigenlijk op inschreven.
Volgens de klacht was onduidelijk hoeveel en welke typen installaties het betrof. Bovendien miste de staat van onderhoud en het gewenste niveau. Daarnaast bevatte het bestek een ongeldige verklaring omtrent de mogelijkheid voor informatie vooraf. Rijkswaterstaat weigerde toestemming voor een schouw langs de betreffende tracés en suggereerde de aannemers als alternatief zelf te gaan kijken door met 80 kilometer per uur langs de matrixborden te rijden. Bovendien repte het bestek over de post achterstallig onderhoud, maar was nergens terug te vinden waar dat op zou slaan.
In totaal kochten elf installateurs het bestek à 350 euro. Zeven zijn direct afgehaakt vanwege het slechte niveau ervan. Vier hebben wel ingeschreven en het werk is uiteindelijk in mei 2004 gegund aan Heijmans voor een bedrag van 2,3 miljoen euro. De stichting heeft meteen aan de bel getrokken bij Rijkswaterstaat Zuid-Holland, maar kreeg geen duidelijke antwoorden. Daarop volgde in oktober een officiële klacht, maar ook daarop volgde nooit antwoord.

Eenrichtingsverkeer

“Pogingen in goed overleg onze kritiek bespreekbaar te maken, bleven steken in eenrichtingsverkeer. Er restte ons geen andere weg dan de ombudsman in te schakelen”, licht directeur Pieter van den Eijnden van de stichting toe. Ze hebben in eerste instantie de mogelijkheden van een juridische procedure onderzocht. Die bleken beperkt vanwege een fout in het statuut. De individuele bedrijven hadden wel naar de rechter kunnen stappen, maar zagen het niet zitten om de machtige opdrachtgever rechtstreeks te confronteren.
Van den Eijnden is tevreden over het vernietigende oordeel van de ombudsman, maar vooral nieuwsgierig naar de reactie van de opdrachtgever. De klacht is op bijna alle punten gegrond verklaard en het ministerie heeft het dringende advies gekregen om de kosten voor het bestekken te vergoeden.
De ombudsman wijst ook op de quick scan van Rijkswaterstaat die is opgesteld na een lawine van klachten over prestatiebestekken, maar stoort zich aan het eigenzinnige gedrag van de overheidsdienst waarbij “onvoldoende oog is voor de omgeving waarin die overheid functioneert. Deze opstelling is schadelijk voor het vertrouwen.” Van den Eijnden vindt het wel jammer dat de uitspraak veertien maanden op zich heeft laten wachten, maar hoopt een duidelijk signaal af te geven. Het ultieme doel zou zijn om de aanbestedingspraktijk van Rijkswaterstaat te verbeteren.
Rijkswaterstaat wil vandaag pas commentaar geven.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels