nieuws

Koenen: Verlaat hiërarchisch keurslijf

bouwbreed Premium

Als je een piramide bouwt, krijg je mummies. Oftewel: bedrijven in de bouw- en installatiebranche zijn nog veel te traditioneel in hun denken en doen, vindt Eric Koenen, directeur Corporate Strategy en Innovation van GTI. En dat moet volgens hem hoognodig anders, wil de branche nog jongeren aantrekken.

Donderdag was Koenen één van de deelnemers aan het jaarcongres Techniek tijdens het Spits Career Event in de Heineken Music Hall in Amsterdam.
“We hebben onszelf daar eigenlijk een beetje opgedrongen”, zegt Koenen. “Techniek is een ontzettend mooi vak, maar als branche zijn we veel te bescheiden. We treden te weinig op de voorgrond, terwijl we juist van de daken zouden moeten schreeuwen welke prachtige technieken in Nederland toegepast worden.”
Als voorbeeld neemt hij de installatietechniek. “Het woord is absoluut niet sexy, maar installatietechniek heeft alles te maken met energie-efficiëntie. De film die Al Gore gemaakt heeft over het klimaat, een thema als duurzaamheid; allemaal heeft het met techniek te maken. Die ingangen moeten we kiezen om jongeren voor het vak te winnen.”

Collectief

Koenen vindt dat de branche veel roept, maar collectief nog te weinig heeft gedaan om het voor jongeren echt aantrekkelijk te maken om bij een bouw- of installatiebedrijf te werken. “We moeten ons er goed van bewust zijn hoe jongeren denken en handelen”, vindt Koenen. “Als ik naar mijn kinderen kijk, zie ik dat ze constant bezig zijn met gamen, twee of drie dingen tegelijk doen, en de ruimte willen krijgen om dingen te ontwikkelen. Als ik dan zie hoe traditioneel de bedrijven in onze branche denken en georganiseerd zijn, schrik ik. Bedrijven zijn heel hiërarchisch qua opbouw en de carrièrelijnen zijn lang. Wie begint bij het bedrijf, moet eerst vier jaar dit doen, dan vijf jaar dat, en dan mag hij of zij pas een stapje hoger. De nieuwe generatie duurt dat allemaal veel te lang. Het heeft geen enkele zin om op een beurs jongeren met veel mooie verhalen binnen te halen en ze vervolgens in het hiërarchische keurslijf van zo’n bedrijf te stoppen. Als je piramides bouwt, krijg je mummies.”
Veranderen is echter moeilijk, weet Koenen maar al te goed. “Binnen GTI zijn we ook bezig met een omwenteling, maar daar gaan jaren overheen. Voor een branche als de onze, en zeker ook voor de bouw, geldt wellicht dat de verandering pas van de grond komt als het pijn gaat doen. Het tekort aan mensen loopt enorm op: er zijn nu al grote opdrachten die we niet aan kunnen nemen omdat we te weinig mensen hebben. Misschien dat we met z’n allen echt goed wakker worden als nog erger wordt.”

Carrièreperspectief

De uitkomsten van het onderzoek van technologietijdschrift De Ingenieur (zie kader), waaruit onder meer bleek dat afgestudeerde technici salaris minder belangrijk vinden dan carrièreperspectief, verbazen Koenen niets. “Natuurlijk, het salaris moet op een bepaald niveau liggen. Het mag ook best wat omhoog, ook volgens de wetten van de markt: bij schaarste worden de mensen nu eenmaal duurder. Maar van geld gaat het hart van een techneut niet sneller kloppen. Technici moeten de ruimte krijgen om nieuwe ideeën te ontwikkelen.”
De bescheidenheid in de branche blijft echter het grootste probleem, meent Koenen. “Sowieso past het niet bij het karakter van Nederlanders om het hoofd boven het maaiveld uit te steken, en bij techneuten al helemaal niet. Ze vinden het heel normaal als iets goed gemaakt is, en tonen zich daar niet gauw trots op. Dat mogen we de studenten best wat meer leren.” Als je met een techneut in de auto zit, merkt Koenen, is die trots namelijk best aanwezig. “Dan hoor je zo iemand zeggen: hé, aan die brug heb ik gewerkt, of dat gebouw heb ik mede gemaakt.”
Overigens wordt het vak volgens Koenen aantrekkelijker door het in een bredere context te plaatsen. “Wat installatietechniek betreft, kun je zeggen dat je een installatie maakt voor een wooncomplex of kantoor. Maar je kunt het ook verpakken als het leveren van een bijdrage aan een goed woon- en werkklimaat. Dat klinkt ineens een stuk beter.”

Reageer op dit artikel