nieuws

Grote infraprojecten drijven op tolinkomsten

bouwbreed

Tol staat garant voor de helft van de financiering van grote nieuwe infraprojecten. In totaal rekent minister Peijs (verkeer) op 2,5 miljard euro aan tolopbrengsten bij onder meer de Tweede Coentunnel, A15, A27 en A4 Midden Delfland. Via dbfm-contracten mogen bouwcombinaties tol gaan innen.

In totaal zijn negen trajecten in beeld om via dbfm-contracten op de markt te zetten. Na oplevering van het traject kunnen de bouwcombinaties op tolinkomsten rekenen van de gebruikers. Daarnaast heeft Peijs toestemming gegeven de gereserveerde bedragen op haar begroting een op een om te zetten naar een meerjarige beschikbaarheidsvergoeding. Op de begroting van volgend jaar zijn daar al enkele voorbeelden van te vinden zoals voor de hsl-zuid, A59 en N31. Bij deze projecten speelt tol echter nog geen rol.
De minister heeft begin deze maand de eerste akkoorden gesloten met de landsdelen om toltrajecten uit te werken. De Tweede Coentunnel is daarbij het meest concreet omdat Rijkswaterstaat dit contract binnen enkele maanden gunt aan een van de drie bouwcombinaties die daarvoor in de race is.

A15

Daarnaast heeft de minister overeenstemming bereikt over verlenging van de A15 voorbij Arnhem. Het Rijk legt 375 miljoen euro op tafel, de regio 112,5 miljoen euro en de overige 300 miljoen euro moet via tol binnenkomen.
Voor de A27 is een vergelijkbaar plan uitgewerkt. Aanpassing van het stuk tussen Lunetten en Hooipolder kost 940 miljoen euro. Inclusief beheer en onderhoud voor een periode van dertig jaar komt het project op 1,5 miljard euro. Via tol kan gedurende die periode bijna 1 miljard euro worden binnengehaald heeft de regio berekend. Daarnaast is de verwachting dat het verkeer door de tol met 16 procent afneemt.
Ook kosten voor aanleg van de A4 Midden-Delfland kunnen grotendeels via tol worden terugverdiend. Na twintig jaar zou de tolteller op ruim 650 miljoen euro staan. De kosten voor aanleg van het ontbrekende stukje snelweg is geraamd op 641 miljoen euro naast jaarlijk een bedrag van 12 miljoen euro voor beheer en onderhoud.

Stapelen

Nog onduidelijk is hoe het innen van tol zich verhoudt tot de landelijke kilometerprijs, die in 2012 wordt ingevoerd. Het ministerie rekent vooralsnog met een bedrag van 3,4 cent per kilometer met een spitstoeslag in drukke uren van 8 cent per kilometer. De politiek moet zich echter nog uitspreken over het tarief waarbij alleen variatie naar tijd, plaats en milieubelasting vaststaat. Het onderwerp komt aan de orde bij de begrotingsbehandeling van volgend jaar.
Minister Peijs heeft zich tot op heden verzet tegen het stapelen van mobiliteitsbelastingen om het draagvlak voor de heffing niet te verspelen. Het is echter wel de bedoeling om tol en heffing via één rekening te innen bij de automobilist. Voor de toltrajecten moet achteraf een verrekening plaatsvinden, maar daar mag de betaler geen last van hebben.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels