nieuws

Europees Parlement voor regels concessies

bouwbreed

Het Europees Parlement voelt wel voor aparte regelgeving voor het sluiten van concessies. Van uitbreiding van de mogelijkheid voor overheden om onderhands opdrachten te vergeven aan eigen overheidsbedrijven moet het parlement echter niets hebben.

Tegen de wens van de Nederlandse regering en de Europese bouwwerkgevers in, steunt het Europees Parlement de Europese Commissie die speciale communautaire wetgeving wil ontwikkelen voor het gunnen van een concessieovereenkomst. Dit blijkt uit het ontwerp-advies van de commissie economische en monetaire zaken en de commissie interne markt.
Rapporteur Werner Langen schrijft in het advies dat vooral het initiatief van de commissie om tot een effectbeoordeling te komen voor concessies het parlement aanspreekt. Hiermee gaat het parlement in tegen de Europese bouwwerkgeversvereniging FIEC die juist tegen specifieke wetgeving voor concessies is. In de visie van de FIEC is een concessie-overeenkomst een specifieke vorm van het wijde begrip publiek-private samenwerking. Daarop moeten slechts algemene principes worden toegepast en niet specifieke wetgeving. Bovendien vreest de FIEC dat die niet leidt tot verlaging van de transactiekosten zoals de commissie wil, maar juist tot verhoging ervan.
Al eerder heeft de Nederlandse regering laten weten wetgeving voor concessies overbodig te vinden. De argumenten daarvoor zijn echter tegen dovemansoren gericht geweest, zowel de commissie als het parlement vindt die wetgeving wel nodig.
Het parlement is verder in principe tegen een te lange looptijd van concessie-overeenkomsten. Aan de andere kant beseft de volksvertegenwoordiging wel dat particuliere investeringen hun geld moeten opbrengen omdat anders private financiering de nek wordt omgedraaid. Welke termijn het parlement dan een juiste vindt, laat het niet weten.

Publiek belang

Ook schrijft Langen in het advies dat het parlement iedere omzeiling van het aanbestedingsrecht in de vorm van speciale voorwaarden waaronder overheden aan eigen bedrijven opdrachten onderhands mogen geven, van de hand wijst. Hij sluit zich aan bij de Europese jurisprudentie op dit punt, waarin dit alleen mogelijk is als overheden 100 procent zeggenschap hebben over het bedrijf en het gaat om een publiek belang. Hetzelfde geldt wat het parlement betreft voor gemengde ondernemingen waarin de overheid een groot belang heeft.
Als het al tot wetgeving komt, dan vindt Langen dat een regeling wordt gevonden die de al aanwezige stimulansen voor de vorming van pps’en versterkt op het gebied van het gebruiksrecht van bouwwerken en diensten, het daaraan verbonden risico en een zekere inbreng van particulier kapitaal.
Het parlement steunt de commissie wel weer om nog dit jaar met een toelichting te komen op het fenomeen ge ï nstitutionaliseerde pps’en te komen. Dat zijn pps’en waarin de publieke en de private partij samen éé n rechtspersoon vormen. In die toelichting moet komen te staan hoe de Europese regels bij de keuze van de private partners moeten worden toegepast.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels