nieuws

Bouw balancerend BouwBalans 2006,

bouwbreed

Vlak voor de jaarwisseling ontving Elco Brinkman, voorzitter Bouwend Nederland, uit handen van Irwin Kraal, hoofdredacteur van Cobouw, de BouwBalans 2006. De teneur van deze bundel, waarin het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid (EIB), Bouwend Nederland, NVB, Neprom, ONRI, enkele adviesbureaus en bouwondernemingen participeren, is zakelijk en opvallend positief gestemd. Dat geldt ook voor de […]

Vlak voor de jaarwisseling ontving Elco Brinkman, voorzitter Bouwend Nederland, uit handen van Irwin Kraal, hoofdredacteur van Cobouw, de BouwBalans 2006. De teneur van deze bundel, waarin het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid (EIB), Bouwend Nederland, NVB, Neprom, ONRI, enkele adviesbureaus en bouwondernemingen participeren, is zakelijk en opvallend positief gestemd. Dat geldt ook voor de bijdrage van Brinkman zelf in deze uitgave: “De Nederlandse bouw kan gelukkig weer met goede moed vooruit kijken. De sector ging door een dal, zowel economisch als wat betreft het aanzien. Er is flink gediscussieerd, binnen de bouw en met onze relaties daarbuiten, over de basisbeginselen van goed en geaccepteerd ondernemerschap en de daarbij horende noodzakelijke cultuurveranderingen binnen de ondernemingen. Dat proces is nog niet helemaal afgerond, maar staat voldoende in de steigers om de blik weer op het eigenlijke werk te kunnen richten”. Het is de vraag of deze energieke toonzetting ook voldoende recht doet aan de feiten. Immers, er blijft nog veel te verbeteren aan de kwaliteit en het imago van �de bouw�. Het conservatieve en traditionele karakter dat zo kenmerkend is voor de sector kan nu eenmaal niet in korte tijd worden omgebogen, hoe graag partijen als de Regieraad Bouw dat ook zouden willen. En het kwetsbare, maatschappelijke imago is niet alleen ontstaan door de bouwfraude; in het Financieele Dagblad constateert Rob van Tilburg onlangs dat “de sector opnieuw een maatschappelijke tendens lijkt te missen” omdat er zo weinig aandacht is voor maatschappelijk verantwoord ondernemen.

Ook de situatie op de arbeidsmarkt is zowel kwalitatief als kwantitatief zorgelijk. Het arbeidsbestand vergrijst en de benodigde, jaarlijkse instroom van ruim 25.000 werknemers wordt maar moeizaam bereikt. Het gaat bij dat laatste zowel om vervanging van oudere werknemers als om groei van de bouwwerkgelegenheid. Er zullen verschillende maatregelen moeten worden genomen, zoals de flexibilisering van het arbeidsproces ten behoeve van deeltijdwerkers, het behoud van 55-plussers en het aantrekkelijker maken van bouwopleidingen. Dat niet alle seinen voor een verdere economische groei op groen staan, blijkt ook uit de kritische bijdrage van Henk van Harssel, voorzitter NVB, die er op wijst dat regelgevers en juristen een hinderlijke rol spelen voor de projectontwikkelaars. “Regelgeving, fijnstofproblematiek en een veel te ver doorgevoerd verstedelijkingsbeleid zorgen ervoor dat we als bedrijfstak niet optimaal kunnen functioneren. Juist in een tijd dat de economie weer aantrekt, zou het beleid van het ministerie van VROM zich moeten richten op het uitzetten van de kaders en bovenal leiderschap uitstralen. Het tegendeel is echter waar. In alles lijkt VROM het hoofdspoor bijster”. Kortom, ook op beleidsmatig en juridisch vlak bestaat er nog een aanzienlijke kloof tussen de sector en het openbaar bestuur. Ook hier ligt een belangrijke taak door met werkbare alternatieven te komen. Dat tegen de achtergrond van een voorspelde, jaarlijkse groei van 1,5 tot 2 procent – die overigens structureel altijd achterloopt bij de groei van de totale economie – er bij de sector sprake is van een positieve stemming is begrijpelijk. Na de omslag in 2002 die voor veel bedrijven volstrekt onverwacht kwam, zijn de prognoses nu hoopgevend. Voor een sector waarin jaarlijks 50 miljard euro omgaat en waar 14.000 bedrijven actief zijn is dat een voorwaarde om op een serieuze manier te werken aan innovaties en permanente kwaliteitsverbetering. Nu de marginale winstmarges in de bouw langzamerhand verdwijnen mag in dat verband het nodige van de sector verwacht worden. De BouwBalans 2006 geeft daartoe in ieder geval de voldoende inspiratie.

156 blz., Sdu Uitgevers, Den Haag,

december2005.

ISBN 90-12-11195-1

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels