nieuws

De geest van de Club van Rome is weer helemaal terug

bouwbreed Premium

den haag – Grote bedrijven, onderzoeksinstellingen en de ministeries van VROM en Economische Zaken hebben zich samen in de Taskforce Energietransitie gebogen over de toekomst van de energievoorziening. Hun conclusie is dat de urgentie om een nieuwe weg in te slaan groot is. Want het gebrek aan duurzaamheid van de mondiale energiehuishouding wordt bedreigend geacht voor de hele wereld.

Ter opfrissing is het in brede kring al langer bekende rijtje nog eens opgesomd. De afhankelijkheid van olie en gas zorgt voor grote kwetsbaarheid voor riskante politieke ontwikkelingen in de wereld. De snelheid waarmee de hoeveelheid CO2 in de lucht toeneemt vormt een bedreiging voor het klimaat en de stabiliteit van ecosystemen over de hele wereld. En het beslag dat het welvarende deel van de wereld legt op de voorraden olie en gas versus de noden van het arme deel van de wereld groeien de mondiale spanningen.

Kortom: de geest van de Club van Rome is helemaal terug. Ambitieus ingezette projecten voor energiebesparing en de benutting van alternatieve bronnen mogen na een lange winterslaap weer tot leven worden gewekt.

De omarming door grote, machtige organisaties waaronder ECN, Shell, Kema, Essent, Rabobank en VNCI tekent het serieuze vaarwater waarin deze initiatieven terecht zijn gekomen. Voorwaarde voor een succesvol resultaat is een consistent beleid dat voor de lange termijn wordt ontwikkeld, onderstreept het platform. Want de bedenkers en uitvoerders van de verschillende projecten moeten ervan op aan kunnen dat ze hun project kunnen afmaken en uiteindelijk kunnen laten renderen.

De weg naar een duurzaam eindresultaat is niet in een dag geëffend. In het taskforceplan, overigens ontwikkeld in opdracht van de rijksoverheid zelf, worden voor een reeks sectoren zogenoemde transitiepaden beschreven. Deze geven elk voor een onderdeel de richting aan voor een langetermijnontwikkeling naar een duurzame energiehuishouding.

Uitgegaan wordt van een beleidshorizon die zich uitstrekt tot 2050. Tot dan moet door efficiënter verbruik een jaarlijkse energiebesparing worden gerealiseerd van 1,5 tot 2 procent. Hieraan gekoppeld is een voortvarende ontwikkeling van alternatieve bronnen noodzakelijk. Dat betekent grootschalige toepassing van plantaardige energiebronnen als biomassa. Alle elektriciteit bijvoorbeeld zou tegen die tijd CO2-neutraal kunnen worden opgewekt.

Omdat nieuwe technologieën een lange aanlooptijd hebben, komen ze te laat om de nood op korte termijn te lenigen. Daarom moet in de overgangsperiode tijdelijk gewerkt worden aan relatief schone maar eindige opwekkingsmethoden als kolenvergassing en kernenergie.

Reageer op dit artikel