nieuws

In notas is veel te weinig aandacht voor de ontwerper

bouwbreed

Zou nog wel eens iemand beginnen te bouwen zonder vooraf over een ontwerp te beschikken? Bij kinderen zie je soms spelenderwijs mooie creaties uit de blokkendoos tevoorschijn komen. In het echt is het vrijwel ondenkbaar. Dus ontwerpen en bouwen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Het vervaardigen van een ontwerp is een van de belangrijkste functies in het bouwproces. Sterker nog, volgens Adri Buur is een goed ontwerp bepalend voor de verschijningsvorm van het gebouwde, maar vooral ook voor de gebruiksmogelijkheden en niet te vergetende exploitatiekosten tijdens de levensduur.

Niet veel mensen zullen het voorgaande betwisten. Behalve waarschijnlijk het spelende kind, maar dat bouwt per definitie objecten met een beperkte levensduur en weet goed wat hergebruik is. In veel nota�s die een analyse bieden van mogelijkheden tot verbetering van het bouwproces wordt relatief weinig aandacht geschonken aan de ontwerper. Het lijkt dikwijls alleen te gaan om de opdrachtgever en het bouwbedrijf.

Ook in de recente publicatie van de Regieraad Bouw �Het Jaar van de Fundamenten� is het geval. Impliciet is op tal van plaatsen in de publicatie het ontwerp aan de orde is.

Bij veel aangekondigde acties gaat het om het verwerken van de wensen van toekomstige gebruikers en exploitanten in het ontwerp. Voorts dienen ontwerpen te voldoen aan eisen die mogelijk in de toekomst manifest zouden kunnen worden. Veranderingen in gebruik, aanpasbaarheid en hergebruik zijn dan sleutelbegrippen. Toch lijken mij weinig acties specifiek op ontwerpers gericht. Hoe zou dit komen? De vraag is in hoeverre bij het tot uitvoering brengen van voorstellen voor veranderingen in het bouwproces de rol van de zelfstandige, soms heel onafhankelijk opererende, ontwerper in het geding is.

Bij integratie van functies wordt toch al gauw gedacht aan het koppelen van ontwerp en uitvoering, zodanig, dat bij het ontwerpen de beoogde bouwer al meedenkt en -beslist. Als ontwerpers zich manifesteren namens de opdrachtgever, een vertrouwde figuur, is dit op zich denkbaar. Hoe is het dan echter gesteld met de onderhandelingen over de prijs die het nieuwe bouwwerk mag kosten? Ik vermoed dat de meeste klanten van de ontwerper wel tevreden zijn over zijn prestaties. Hoe kan het dan dat het beeld wordt opgeroepen van veel ontevredenheid bij gebruikers die via een professionele opdrachtgever wonen of werken in producten die door dikwijls dezelfde bureaus en personen zijn ontworpen. Is dat een kwestie van psychologie? Is het als je zelf opdracht geeft aan een ontwerper en instemt met zijn voorstellen, achteraf moeilijker om je negatief uit te laten? Of is het omgekeerd juist gemakkelijk om kritiek te uiten als je via een professionele opdrachtgever iets koopt of huurt? Een antwoord op de vragen lijkt mij vooral van belang bij het maken van een keuze uit nieuwe modellen voor het toekomstige bouwproces. De rol van het ontwerp is van wezenlijk belang, dus ook de rol van de ontwerper. Blijft over de vraag of hij zijn werk geïntegreerd in een bouwbedrijf moet uitvoeren. Ook is het omgekeerde denkbaar: het ontwerpbureau dat de uitvoering aan zich trekt. Beide opties komen in de praktijk al voor. Er zijn nog veel meer constructies denkbaar, de markt zal uiteindelijk bepalen welke levensvatbaar zijn.

In de actiepunten van de Regieraad Bouw zie ik aanknopingspunten om de betekenis en de consequenties van keuzes die bedrijven kunnen maken te verhelderen.

Het aanreiken van hulpmiddelen om beredeneerde keuzes te kunnen maken, lijkt mij een uitstekende doelstelling. En lang niet iedereen zal dezelfde keuze maken. Gelukkig niet, want als iedereen dezelfde kant op rent, wordt het wel heel erg dringen op de bouwmarkt. Op dit moment gebeurt dat al meer dan genoeg.

Hoogleraar Bouweconomie,

Universiteit Twente (UT)

a.buur@hccnet.nl

Het lijkt dikwijls alleen te gaan om de opdrachtgever en het bouwbedrijf

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels