nieuws

Constructie tart zwaartekracht

bouwbreed

utrecht – Het nieuwe tentoonstellingspaviljoen in Leidsche Rijn bestaat uit twee haaks op elkaar geplaatste expositieruimten. De wetten van de zwaartekracht lijken geschonden, maar voor de constructeurs is het gewoon een klus in een stalen vakwerk van kolommen en liggers.

De expositieruimte van kunstenaar Stanley Brouwn en architect Bertus Mulder in Leidsche Rijn nabij Utrecht opende afgelopen zaterdag. Een imposant gebouw van twee tentoonstellingsruimten die de kunstenaar haaks op elkaar plaatste.

Bijna 12 meter kraagt de bovenste constructie aan beide zijden uit. “Toen we het ontwerp zagen was het even slikken,” zegt Jaap Dijks, projectleider bij Pieters Bouwtechniek uit Utrecht. Dit ingenieursbureau rekende aan de bijzondere constructie. “Voor ons als constructeurs is het belangrijk dat de uitkragende delen symmetrisch zijn, voor eigen gewicht is de constructie daarmee in balans. Het uitkragende deel ligt op twee �pootjes� die 4 meter uit elkaar staan. Daarmee zijn de krachten en momenten uit het gebruik op te vangen.”

Het centrale deel van de constructie, waar de twee vormen elkaar kruisen, is uitgevoerd als een raamwerk. Om de expositieruimten niet te doorbreken, is het windverband voor het opnemen van torsie, op plaatsen vervangen door gelaste hoeken. De vier kolommen in het midden van de constructie, zijn gefundeerd met twee trekpalen per hoek.

Aan dit centrale deel van het paviljoen zijn vakwerkliggers bevestigd van normaal gewalst staal. De balken zijn uitgevoerd in standaard walsprofielen. Waar de constructie in het zicht komt zijn Willemsankers met gegoten gaffeltjes toegepast. De vloer is berekend op een belasting van 500 kg/m2.

Dijks: “Het is een mooie ervaring het gebouw nu te zien. De berekeningen op papier blijken in de praktijk te kloppen. Als je loopt naar de uiterste punten van de tentoonstellingsruimte boven, merk je niets van de bijzonder grote uitkraging.”

Maatvoering

Kunstenaar Stanley Brouwn hanteert als maateenheid voor het ontwerp de Stanley Brouwn (SB) voet. Een SB-voet meet 26 centimeter. Dit leverde voor de constructeurs geen problemen op. “Elke maateenheid kan worden gebruikt,”, aldus Dijks. “Daarmee hebben we in de praktijk wel vaker te maken. Voor architecten is dat interessant. Voor ons is het minder interessant omdat in staal toch alles op maat wordt gemaakt.” Vijf jaar kan het gebouw op de huidige locatie blijven staan. Daarna moet het wijken voor nieuwe bebouwing. Om die reden is de constructie demontabel uitgevoerd. De uitkragende delen zijn met boutverbindingen aan het centrale deel gekoppeld.

Om tot een voor de expositie bruikbare binnenmaat te komen was het nodig om het basisvierkant van de bouwblokken van 12 x 12 SB-voet te vergroten tot 15 x 15 SB-voet. Om tot een buitenhuid van de blokken te komen die demontabel is en bovendien in de detaillering de scherpte van het concept versterkt, was het nodig deze onder te verdelen in elementen van 5 x 5 SB-voet. Hiermee is de vorm in een stramien van vlakken verdeeld dat alle delen bindt.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels