nieuws

Instroom van Polen zwelt nog verder aan

bouwbreed

den haag – De instroom van Polen is in de eerste helft van het jaar met 60 procent toegenomen. Tegenover de 2000 immigranten in de eerste zes maanden van 2004 staat dit jaar een instroom van 3200 mensen van Poolse origine.

Uit tellingen van het Centraal Bureau voor de Statistiek blijkt de Europese buitengrens voor nieuwkomers in toenemende mate een lastig te nemen barrière. De aantallen immigranten uit Marokko, Turkije en de voormalige Nederlandse koloniën nemen duidelijk af. De instroom uit landen binnen de Europese Unie vertoont echter een stijgende tendens.

Ondanks de grotere mobiliteit in Europa bevindt de Nederlandse bevolkingsgroei zich op een historisch dieptepunt. Het aantal nieuwkomers in de eerste helft van het jaar (41.000) wordt royaal overtroffen de 54.000 inwoners die ons land verlieten. Dankzij de geboorte van 93.000 kinderen ontsnapt Nederland nog maar net aan het fenomeen van de krimpende bevolking. Het aantal geboorten neemt onverminderd af. Vergeleken met de eerste zes maanden van 2004 kwamen in de eerste helft van dit jaar 3000 minder kinderen ter wereld.

Naast Polen behoren Duitsland en Turkije, maar ook China en Rusland tot de landen waarvandaan de burgers meer naar Nederland kwamen dan andersom. Het immigratieoverschot vanuit deze groep blijft beperkt tot enkele honderden personen per land. Zo vestigden zich 2200 mensen uit Nederland en vertrokken 2000 burgers naar het land van kanselier Schröder.

De mobiliteit in Europa richt de focus in belangrijke mate op de kansen op de arbeidsmarkt. De loonverschillen in de diverse landen trekken maar langzaam bij. Vijftien jaar na de Duitse hereniging gaapt tussen de loonkosten per uur in oost en west – bij het verwerkend bedrijfsleven – nog steeds een verschil van 10,45 euro. Het netto loon dat een Ossi in handen krijgt, ligt 5,08 euro lager dan dat van zijn collega in het westen.

Wat de loonkosten betreft is Nederland in het rijke deel van de Europese Unie een middenmoter. In zes landen zijn werkgevers duurder uit dan de 23,74 euro die in ons land per uur wordt betaald. De kroon spant Denemarken met een kostenpost van 28,14 euro per uur. In de voormalige Oostbloklanden variëren de loonkosten tussen de 3,29 (Polen) en 4,53 (Hongarije) per uur.

TABELKOP:Arbeidskosten (euro) per werkuur bij verwerkende bedrijven

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels