nieuws

Herstructureringsgebied geschikt voor subcentra

bouwbreed

In de afgelopen jaren heeft Bureau Stedelijke Planning onderzoek verricht naar de ontwikkeling van subcentra in Nederlandse steden. Onlangs is in samenwerking met ING Real Estate een analyse van gebouwde subcentra in België, Duitsland, Frankrijk, Engeland en Italië afgerond. Volgens Pieter van der Heijde zijn de aanbevelingen van deze analyse zeker ook van toepassing voor de ontwikkeling van te bouwen subcentra in Nederland.

Voor een succesvolle aanleg van subcentra blijkt vooral de ligging tussen de binnenstad en de rondwegen bij een knooppunt van (hoogwaardig) openbaar vervoer en temidden van een groot woongebied bepalend te zijn. De bereikbaarheid via de weg of met openbaar vervoer scoort dan ook hoog. Vooral herstructureringsgebieden bieden kansen voor dergelijke centra. Het subcentrum kan dan als motor fungeren voor de vernieuwing van de omliggende wijk. Het onderzoek dat Bureau Stedelijke Planning samen met ING Real Estate verrichtte concentreerde zich op acht gebouwde subcentra in Europa. Deze centra zijn Hammersmith in Londen, Brent Cross in Londen, Bercy in Parijs, Vélizy in Parijs, Brussel Zuid, Deutz in Keulen, Rubattino in Milaan en Torre Lombarde in Milaan.

Doel van de analyse was om van de buitenlandse centra zoveel mogelijk te leren voor een succesvolle ontwikkeling van nieuwe subcentra in onze steden. Vandaar dat er nauwlettend is gekeken naar de situering, de functionele opbouw, de stedenbouwkundige structuur, de identiteit en het (economisch) functioneren.

Subcentra zijn de grootste concentraties aan centrumstedelijke functies na de binnenstad, waarbij sprake is van een multifunctionele invulling en bovenwijkse voorzieningen. Subcentra dienen bij voorkeur te liggen bij een vervoersknooppunt, hebben een grootstedelijke uitstraling en een duidelijk herkenbare identiteit. Concentratie van stedelijke functies in subcentra biedt aanzienlijke voordelen. Het bevordert een efficiënt ruimtegebruik, remt de mobiliteit en vergroot de kwaliteit en diversiteit van de stedelijke omgeving.

Voor de ontwikkeling van nieuwe subcentra in Nederland is dus een optimale situering bepalend voor het (economisch) functioneren. Een ligging tussen de binnenstad en de rondwegen bij een knooppunt van (hoogwaardig) openbaar vervoer en temidden van een groot woongebied heeft de voorkeur. Daarbij dient een subcentrum multifunctioneel te zijn met enkele grootschalige (leisure) voorzieningen. Het centrumstedelijk karakter van de centra wordt versterkt door compacte (middel)hoogbouw, meervoudig ruimtegebruik en grootschalige gebouwen. Bovendien versterken bijzondere architectuur, een hoogwaardig ingerichte openbare ruimte en het gebruik van cultuurhistorische elementen de ruimtelijke kwaliteit.

Tot slot is voor een succesvolle ontwikkeling en het slagen op langere termijn van een nieuw subcentrum een integrale ontwikkelingsvisie onontbeerlijk.

Integrale ontwikkelingvisie

onontbeerlijk

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels