nieuws

BAM ziet uit principe af van hoger beroep

bouwbreed

bunnik – BAM NBM Noordwest tekent als enige verdachte aannemer in het bouwfraudeproces geen hoger beroep aan tegen het vonnis van de Rotterdamse rechtbank. Dat heeft de onderneming vrijdag naar buiten gebracht.

Het besluit is vooral een principiële kwestie, want BAM weet dat het bedrijf toch voor het gerechtshof zal moeten verschijnen. Het Openbaar Ministerie (OM) tekende donderdag hoger beroep aan in de zaken tegen alle verdachten.

“Wij willen aangeven dat we een punt willen zetten achter de hele kwestie”, laat BAM-woordvoerder A. Pronk weten. “Wij betreuren dat het OM wel in beroep is gegaan. Het heeft ons ook wel verrast na het vonnis van de rechtbank.”

De Bunnikse bouwer wil zijn tijd en energie steken in het vooruitkijken. Het bouwfraudeproces handelt vooral over in het verleden begane fouten. Pronk: “Dat verleden ligt zover van de huidige praktijk en de toekomst waar we nu mee bezig zijn. Van een herhaling van zetten, wordt niemand wijzer.”

KWS, Heijmans en Koop Tjuchem maakten eerder bekend wel in hoger beroep te gaan. Een van de afwegingen daarbij is dat een veroordeling kan leiden tot uitsluiting van overheidsopdrachten en dus de continuïteit van de bedrijven in gevaar kan brengen. Voor BAM NBM Noordwest geldt dat niet. Door allerlei fusies is het bedrijfsonderdeel momenteel niet meer in de markt actief.

BAM NBM Noordwest werd twee weken geleden door de Rotterdamse rechtbank veroordeeld tot een geldboete van 45.000 euro wegens deelneming aan een criminele organisatie. Twee directeuren kregen ieder een geldboete van 2500 euro opgelegd. Zij tekenen daartegen wel beroep aan bij het hof.

“Vooral ter bewaring van hun rechten”, licht Pronk toe. Volgens hem hadden zij de zaak ook liever laten rusten. “Maar soms gaat het niet zoals je wilt, helaas.”

Nadat justitie bekendmaakte een hoger rechterlijk oordeel te vragen over de bouwfraude, hebben vier verdachte KWS-directeuren alsnog besloten ook in hoger beroep te gaan. In eerste instantie lieten zij weten te berusten in het vonnis van de rechtbank. “Om strikt juridische redenen gaan ze in beroep”, zegt KWS-woordvoerder M. van Putten. “Om geen rechten te verliezen, zoals oproepen van getuigen. Liever hadden ze deze stap niet gezet. Het mooiste zou zijn geweest als er een dikke vette streep onder de zaak was gezet.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels