nieuws

Doorzonwoning in Hollands perspectief Vernieuwen met toekomst

bouwbreed

In de periode van 1950 tot 1975 zijn zo�n 1,75 miljoen eengezinswoningen in rijtjes – het handelsmerk van Nederland – gebouwd, in een periode met weinig economische ruimte. In de twintiger en dertiger jaren van de vorige eeuw worden er voor de middenstand zowel; in de koop- als huursector rijtjes eengezinswoningen gebouwd. Kenmerken voor de […]

In de periode van 1950 tot 1975 zijn zo�n 1,75 miljoen eengezinswoningen in rijtjes – het handelsmerk van Nederland – gebouwd, in een periode met weinig economische ruimte. In de twintiger en dertiger jaren van de vorige eeuw worden er voor de middenstand zowel; in de koop- als huursector rijtjes eengezinswoningen gebouwd. Kenmerken voor de plattegrond waren twee beuken: gang/keuken en woonkamer.

De woonkamer bestond uit twee gedeelten, die door vleugel- of schuifdeuren van elkaar gescheiden of met elkaar verbonden waren (kamers en suite). De voorste kamer duidde men aan met salon (de �goede� kamer of de kamer om bezoek te ontvangen). De traditionele plattegronden van deze burgerwoonhuizen vormen de basis voor de naoorlogse eengezinswoningen. De ontwerpers laten de erkers weg en vervangen de schuifdeuren door dubbele glazen draaideuren. Of men laat de deuren geheel weg. In combinatie met het vergroten van het raamoppervlak is de doorzonwoning geschapen. Kleiner en transparanter dan het origineel.

Ontwikkeling

De oudere doorzonwoningen (uit de vijftiger jaren) zijn klein: circa zes meter breed en zo�n zes tot zeven meter diep, met een bruto-inhoud van amper tweehonderdvijftig kubieke meter. Rond negentienvijfenzestig worden de woningen groter en komt de woningproductie goed op gang. Grote wijken met dezelfde �strengpers�woningen. De woningen zijn dieper: zeven tot acht meter en de bruto-inhoud blijft tussen de driehonderd en driehonderdvijftig kubieke meter. Aan het eind van deze periode (negentienzeventig tot negentienvijfenzeventig) worden de woningen steeds groter: circa negen meter diep en een bruto-inhoud van vierhonderd kubieke meter. Riante woningen, die qua grootte hun vooroorlogse oorsprong dicht benaderen. De grootschaligheid blijft. Na deze periode worden de woningen weer kleiner en komt er meer variatie in de plattegrondtypen (tuinkamerwoningen en dergelijke), verkaveling en dakvorm. Het is het einde van de doorzonwoning. De transparantie van zowel de woning als de buurt verdwijnt in de tachtiger jaren.

De mogelijkheden van de eengezinswoningen zijn groot. De individuele kavel vormt de basis voor uiteenlopende wijzigingen. De bestaande stad laat het ons dagelijks zien. Echter wat mogelijk is, is nauw verbonden met de kwaliteit van het bestaande en de wensen voor de toekomst. De vroegnaoorlogse woningen hebben vooral toekomst wanneer de ligging en stedenbouwkundige kwaliteit waarde heeft. Bij de Witte Wijk in Heerlen is dit het geval. De parkachtige opzet in een glooiend landschap is karakteristiek. Het belangrijkste uitgangspunt bij de renovatie is dan ook het behoud van de oorspronkelijke beeldkwaliteit. Het uiterlijk is opgefrist en er zijn voorwaarden gecreëerd om eventueel aan de achterzijde van de woning uit te breiden, zonder dat het totaalbeeld wordt aangetast. Uiteraard is het comfort van de woningen verbeterd door installatie en isolatie.Vroegnaoorlogse woningen in een slechte stedenbouwkundige context: smalle straten en weinig groen hebben nauwelijks toekomst. Deze soberheid is bijna niet meer te corrigeren.

Basiskwaliteit

De woningen van latere datum zijn ruim. De grootschaligheid en het strengpers-karakter drukken een negatief stempel op de overigens goede, traditionele stedenbouwkundige opzet (bouwblok). De Hakfortlaan in Arnhem ligt in een dergelijke buurt. De renovatie hier is erop gericht de uniformiteit en massaliteit te doorbreken, met behoud van de eenheid.

De gevelindeling is in principe gehandhaafd, echter door te variëren in textuur en kleur van de borstwering van de gevelpuien krijgen de woningen een eigen gezicht. Door het aanbrengen van luifels boven de deuren wordt de entree geaccentueerd. Het wooncomfort wordt verder gecorrigeerd door de douche te vergroten en een trap naar de zolder aan te brengen. Met relatief kleine ingrepen krijgt de toekomst van deze woningen een nieuw perspectief. De woningen uit begin zeventiger jaren zijn te vergelijken met de voorafgaande woningen. Ze zijn nog groter en kunnen ook aan de vraag in een duurder marktsegment voldoen. De woningen in de Van Breestraat in Tilburg bijvoorbeeld worden door de renovatie aanzienlijk in kwaliteit verhoogd. Het uiterlijk wordt verluxt door een gewijzigde kleurstelling en de entrees krijgen een extra individueel accent. Keuken, douche en toilet worden op maat gemoderniseerd en aangepast aan de individuele wensen van de bewoners. De aanwezige basiskwaliteit maakt het mogelijk om optimaal aan de huidige en toekomstige kwaliteitseisen te voldoen.

Het ontbreken van kwaliteit op onderdelen is bij de doorzonwoning redelijk eenvoudig en individueel aan te brengen. Of het nu gaat om het vergroten van de woning op de begane grond via een aanbouw of het bewoonbaar maken van de kap door het plaatsen van een vaste trap en van dakkapellen. Ook het comfort kan op ieder gewenst niveau gebracht worden. Met het behoud van de collectieve kwaliteit behoort een individuele invulling en uitstraling tot de mogelijkheden.

Martin Liebregts en Jelle Persoon werkzaam bij de BouwhulpGroep in Eindhoven (www.bouwhulp.nl).

h.vannunen@bouwhulp.nl

Dit is het tweede artikel uit de geplande reeks van zes artikelen over verleden, heden en toekomst van renovatie.

Het eerste artikel �Van term woningverbetering naar transformatie� is in Cobouw geplaatst op 24 mei 2005 (nummer 98).

Gisteren is in de Brabanthallen in

�s Hertogenbosch de eerste vakbeurs

Renovatie & Onderhoud geopend. De beurs die tot en met 27 mei aanstaande wordt gehouden heeft als titel

�Vernieuwen met toekomst�.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels