nieuws

Lucht het duurst bij herindeling kerken De Julianakerk Projectgegevens

bouwbreed

den haag – Je hebt moeilijke en makkelijke kerken als het gaat om een herindeling na leegstand. Voor het grote schip van de Julianakerk in Den Haag bleek het moeilijk om een nieuwe functie te bedenken. Er wordt nu kantoorruimte in gebouwd, met als kanttekening dat het om dure kubieke meters gaat. De kleine zijbeuken zijn een stuk gemakkelijker om te bebouwen.

Als gevolg van ontkerkelijking is de Julianakerk vanaf de jaren zestig van de vorige eeuw leeg komen te staan. Sinds die tijd zijn veel plannen ontwikkeld om de kerk een nieuwe functie te geven. Op ad hoc basis is de kerk af en toe gebruikt voor culturele activiteiten.

Vanaf 1997 is architectenbureau Rappange & Partners bij de ontwikkeling van de Julianakerk betrokken. C.J. Doornenbal, architect/directeur van het bureau: “Moeilijke en makkelijke kerken hebben gemeenschappelijk, dat ze voornamelijk uit lucht bestaan en dat maakt een functionele indeling lastig.”

Doornenbal wijst daarbij op de bouwkosten, die in gote lijnen worden bepaald door de hoeveelheid kubieke meters: “Hier in de Julianakerk hebben we veel kubieke meters lucht en verhoudingsgewijs kleine zijbeuken die voor herindeling in aanmerking komen.” Kortom, herindeling is wel mogelijk, maar de bruikbare kubieke meters zijn duur.

Het �makkelijke� aspect van de kerk is dat elke zijbeuk van een eigen ontsluiting en trapportaal is voorzien. Hierdoor komen de zijbeuken relatief eenvoudig voor een herindeling in aanmerking. “Als nieuwe toegangsdeuren noodzakelijk zijn, levert dat doorgaans problemen op in verband met nieuw te maken gevelopeningen.

Een nieuw te realiseren trappenhuis zou ten koste gaan van de beschikbare kubieke meters ruimte.” Vanwege de gunstige bereikbaarheid van de trappenhuizen hoefde Doornenbal van de brandweer niet ook nog een tweede vluchtweg in zijn ontwerp mee te nemen.

Verwijderbaar

Bijzonder aan de kerk is de vormentaal en zorg voor detaillering. Doornenbal probeert bij de herindeling zoveel mogelijk onaangeroerd te laten. Bovendien zijn de nieuwe indelingen voor de kantoorruimten in de zijbeuken eenvoudig te verwijderen. Doornenbal: “Nu willen we de kerk geschikt maken voor bedrijven maar ik weet natuurlijk niet wat over honderd jaar de wensen zijn.”

De indeling in de zijbeuken bestaat uit een zelfstandige ruimte op de begane grond en een zelfstandige gecombineerde ruimte op de eerste en tweede verdieping. Daglichttoetreding vindt plaats door de glas-in-lood ramen. Om ook de eerste verdiepingen van daglicht te voorzien zijn vides opgenomen.

Extra daglichtopbrengst is mogelijk door een centrale strook in de glas-in-lood vensters door helder glas te vervangen. De vensters worden aan de buitenzijde voorzien van gehard glas om enerzijds het glas-in-lood te beschermen en anderzijds voor het thermische voordeel.

Luchtgordijn

De centrale ruimte krijgt een publieksfunctie. Doornenbal brengt de originele uitstraling terug door een in de jaren zestig aangebracht plafond te verwijderen dat was geplaatst om de stookkosten terug te dringen. Ter vervanging is nu een ingenieus �nozzle� verwarmingssysteem bedacht waarbij vanaf de vier zijden op een hoogte van acht meter warme lucht wordt ingeblazen. Hierdoor ontstaat een horizontaal gordijn van warme lucht dat voorkomt dat de �dwarrelwarmte� van de vloerverwarming via de koepel het kerkgebouw verlaat.

Uit angst voor het rondgalmen van geluid behandelt aannemersbedrijf Schakel & Schrale het plafond van de koepel met geluiddempende stuc. De aannemer heeft ook de centrale vloer uitgevlakt met tempex en voorzien van een gewapend betonvloer met een tegelafwerking.

Naast de herindeling en terugbrengen van originele details, renoveert de aannemer het casco aan de buitenzijde. “De kerk is op staal gebouwd. Scheurvorming is niet het gevolg van zettingen maar van thermische verschillen tussen de bakstenen invulling van het betonnen casco en het ontbreken van dilataties.”

Waar nodig herstelt de aannemer de scheuren maar Doornenbal laat de thermische scheuren liever zitten bij wijze van dilatatie. Het dichtzetten van de scheuren en nieuwe dilataties zagen is een optie maar de muren zijn daar eigenlijk te dik voor.

Waar nodig herstelt de aannemer ook het overige metsel- en voegwerk. Dat levert soms problemen op omdat het in Vlaams verband uitgevoerde metselwerk is opgebouwd uit een voor de kerk speciaal gebakken formaat dat nog het meeste weg heeft van kloostermoppen. “We proberen de bakstenen zoveel mogelijk te hergebruiken. Als dat niet lukt dan sorteren we op kleur.”

De aannemer is afgelopen november begonnen en levert het werk in november weer op. De bouwsom bedraagt 340.000 euro.

De totstandkoming van de Julianakerk in Den Haag in 1924 is onder meer mogelijk gemaakt door de leden van de �Eén-Uur-Loon-Bond�, die één uur loon per week voor de bouw van de kerk afstonden.

De kerk ligt midden in de wijk Transvaal en vormt daarvan het stedenbouwkundig middelpunt. Hierdoor en vanwege de architectuur met invloeden van de Amsterdamse en Nieuwe Haagse School is de kerk aangewezen als gemeentelijk monument.

De koepel is 23 meter hoog. De toren van de kerk heeft een hoogte van 58 meter. De centrale hal heeft een oppervlakte van 17 bij 17 meter en heeft betonnen basiskolommen van 2 bij 2 meter.

Opdrachtgever: Stadsherstel Den Haag.

Architect: Rappange & Partners Architecten Den Haag/Amsterdam.

Hoofdaannemer: Schakel & Schrale, onderdeel van HBG Bouw en Vastgoed.

Steigerwerk: Rojo, Delft.

Metselwerken: Heidam�s Aannemingsbedrijf, Amsterdam.

Voegwerk: Van Ieperen Groep, IJsselstein.

Loodgieterswerk: Hegger & Rijnen, Zaandam.

E-Installatie: Hermans Elektra, Diemen.

Glas in lood: A. Koolen, Molenhoek.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels