nieuws

Corporaties maatschappelijk gerekt

bouwbreed

rotterdam – De maatschappelijke rol van corporaties wordt opgerekt. Over het vernieuwde opdrachtgeverschap vindt volgende maand een congres plaats. Gespreksleider René Scherpenisse over de nieuwe taakvelden, het belang van voorzieningen en samenwerkingsverbanden.

“Grootschalige herstructureringen roepen doorgaans veel weerstand op omdat bewoners de indruk hebben dat de wijk niet meer van hen is. We moeten naar een aanpak met behoud van sociale samenhang waardoor zo veel mogelijk mensen terugkeren. De achterstand zit hem niet zozeer in de woningen maar in de geringe betrokkenheid van mensen met hun woonomgeving.”

Naast fysieke ingrijpen moet er ook aandacht zijn voor sociale en economische factoren”, stelt Scherpenisse. “We zullen dus een andere strategie moeten zoeken.”

Scherpenisse, directeur van de Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting (SEV), leidt op 14 april het eerste congres over maatschappelijk vastgoed als motor voor stedelijke ontwikkeling. Bij corporaties dringt langzaam het besef door dat ze maatschappelijk gezien een grotere rol van betekenis kunnen en moeten spelen. Scherpenisse: “Dit streven om een meer maatschappelijke rol te vervullen, valt samen met de heroriëntatie van de eigen positie. Er is sprake van publieke armoe en private rijkdom. Corporaties hebben veel geld, dat schept verplichtingen.”

Sinds het tien jaar geleden ingezette verzelfstandigingstraject, ontwikkelden corporaties zich tot ware vastgoedondernemingen met een meer bedrijfsmatige aanpak. “Onder maatschappelijke en politieke druk zie je nu dat veel corporaties het maatschappelijk opdrachtgeverschap weer als uitgangspunt nemen. Daarmee kunnen ze een belangrijke impuls geven aan de stedelijke ontwikkeling. Het taakveld van de corporatie is breder geworden, haar maatschappelijke rol opgerekt. Daardoor worden ze naast fysieke maatregelen ook aangesproken op economische en sociale aspecten.”

Volgens Scherpenisse kunnen corporaties al met al van veel grotere betekenis zijn. “Door in maatschappelijke projecten te investeren schep je sociaal fundament waar je als corporatie overigens zelf (financieel) belang bij hebt.” In welke mate dat moet gebeuren en wie uiteindelijk de regie zou moeten voeren, is voor hem nog een vraag. “Er moet wel duidelijkheid zijn over de onderlinge taakverdeling; wat is de verantwoordelijkheid van de corporatie en wat van de gemeentelijke overheid.”

Woonmilieus

Door de krapte op de woningmarkt doet een steeds grotere groep een beroep op een corporatie. “Woningcorporaties zullen daardoor gedifferentieerder moeten denken. Wat toegevoegd moet worden, zijn specifieke woonmilieus.” Volgens Scherpenisse moeten juist bewoners het uitgangspunt zijn bij stedelijke vernieuwingen en niet de stedenbouwkundige opzet of architectonische verschijningsvorm. “Wil je de betrokkenheid in een buurt vergroten, dan moeten bewoners meer invloed krijgen.”

Een goed voorbeeld daarvan vindt hij Saraburcht, een woongemeenschap voor ouderen in Hoogvliet. De vervangende nieuwbouw is door de corporatie samen met de bewoners ontwikkeld. “Mensen moeten een zekere mate van eigendomschap vinden, dat kan moreel zijn of fysiek. Collectief particulier opdrachtgeverschap is een van de bindende mogelijkheden.”

Het stimuleren van goede voorzieningen is een taak van maatschappelijk vastgoedondernemers. Scherpenisse noemt de Vinex-opgave een erkenning voor het belang van voorzieningen. “We beginnen te beseffen dat sociale ontmoetingsmogelijkheden essentieel zijn voor een buurt. Door bijvoorbeeld winkelruimte voor kleine ondernemers te stimuleren, ontstaat een structuur van waaruit mensen vooruit kunnen komen.”

Het maatschappelijk rendement laat zich volgens Scherpenisse niet alleen vertalen in financiële parameters, maar ook in aspecten als bewonerstevredenheid, leefbaarheid en de kans om vooruit te komen.” De mate waarin corporaties aan die vernieuwde maatschappelijke rol invulling kunnen geven, hangt mede af van de regelgeving. “Er zal over bestaande scheidslijnen moeten worden gestapt. Corporaties kunnen nu bijvoorbeeld niet zonder meer in scholen investeren. Bedrijfsgebouwen mogen slechts onder bepaalde condities worden gebouwd en een fusie van een zorginstelling en corporatie is nu nog ondenkbaar.”

Experimenten

De SEV probeert deze omslag met experimenten aan te moedigen. Scherpenisse noemt het programma vitale coalities. “We proberen een nieuw type samenwerkingsverband tussen welzijn en onderwijsinstellingen met de wijk als gemeenschappelijk werkterrein, zonder dat daarbij het eigenbelang prevaleert. Uitgangspunt daarbij is �maak van uw probleem een bedrijf�. De institutionalisering in Nederland zet ons op achterstand en vormt daardoor tegelijkertijd onderdeel van het probleem.”

Daarnaast loopt het project �right to buy� waarbij corporaties woningen in achterstandswijken verkopen, met diverse ver-, terug- en koopconstructies en wordt geëxperimenteerd met de zogeheten transparantiemethodiek, die duidelijk maakt hoeveel budget een corporatie beschikbaar heeft voor die maatschappelijke investeringen. “Het denken hierover is een eerste stap in die richting.”

�Maak van uw probleem

uw bedrijf�

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels