nieuws

Overheid moet bij corporatie meer helderheid afdwingen

bouwbreed

delft – Sociale huisvesters zijn door hun werkwijze te vaag over hun prestaties. Dat vinden onderzoekers van de Technische Universiteit Delft. Om meer grip op het werk van de sector te krijgen, moet de overheid het daadwerkelijke resultaat van de inspanningen van corporaties tegen het licht houden.

“Financieel zit het toezicht goed in elkaar. Maar als het om volkshuisvestelijke prestaties gaat, is er niets geregeld.” Bouwkundige Vincent Gruis van de TU Delft windt er geen doekjes om. Niet alleen de overheid maar ook de raden van commissarissen van corporaties hebben weinig zicht op de manier waarop bestuurders hun plannen in elkaar sleutelen.

Oorzaak van het informatiegat is de werkwijze van de sociale huisvesters. “Er wordt wel vergaderd en besloten. Maar het plan dat uit de black box komt, is niet gebaseerd op een systematische analyse van de eigen woningvoorraad”, vertelt Gruis die samen met collega Nico Nieboer van het onderzoeksbureau OTB het vastgoedbeheer van sociale huisvesters onder de loep neemt. �Asset Management in the Social Rented Sector�, heet het boek dat het duo heeft samengesteld. Het onderzoek brengt in kaart hoe sociale huisvesters in verschillende Europese landen en Australië hun bezit beheren.

De nieuwsgierigheid van de wetenschappers vindt zijn oorsprong in de vraag of de verzelfstandiging van de corporaties – in Nederland is dat in 1995 gebeurd – ook tot het toepassen van strategische besluitvorming heeft geleid. Daarbij hebben Nieboer en Gruis gekeken naar het gebruik van bijvoorbeeld marktstudies, procesmodellen, analyses van de vastgoedportefeuille en afwegingsmethodes. Bij commerciële ondernemingen worden zulke beslistechnieken veel toegepast om organisaties zo efficiënt mogelijk te laten functioneren.

Het resultaat van het onderzoek is bedroevend. Moderne analysemodellen voor vastgoedbeheer zijn nog maar nauwelijks tot de directiekamers van de Europese corporaties doorgedrongen. Nederland vormt hierop geen uitzondering. “Er zijn wel een paar pareltjes”, wijst Gruis op enkele vooruitstrevende corporaties. “Maar de modellen die worden gebruikt, zijn nou niet bepaald om over naar huis te schrijven”, geeft collega Nieboer zijn commentaar.

Het gevolg is dat corporaties nauwelijks inzichtelijk kunnen maken welke afwegingen zij hebben gemaakt, welke alternatieven er zijn en waarom de gekozen oplossing uit de bus is gerold. De prestaties van corporaties controleren wordt door het gebrek aan transparantie een lastige opgave. “Hoe kan een raad van commissarissen nu iets zeggen over het beleid als bestuurders niet meer kunnen zeggen dan: dit is het plan”, vraagt Gruis zich retorisch af. Om corporaties tot meer duidelijkheid over hun prestaties te dwingen moet de overheid de sociale huisvesters afrekenen op hun eigen prognoses. “Een corporatie die zegt dat hij 1500 woningen bouwt en er steeds maar vijf oplevert, mag best een aanwijzing krijgen van de minister. Daarbij zou het bestuur zelfs vervangen kunnen worden”, stelt Gruis.

Om op basis van slechte prestaties in te grijpen heeft minister Dekker van Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieu (vrom) in de huidige situatie onvoldoende informatie. Wil zij de sector toch kunnen beoordelen op haar prestaties, dan zou het departement het resultaat van de inspanningen structureel moeten toetsen.

En dat gaat volgens het onderzoeksduo het beste als corporaties gebruikmaken van een systematische analyse van hun vastgoedbeleid.

Efficiënter

Corporaties kunnen van commerciële ondernemingen efficiënter leren werken. Maar verdere liberalisering van de sector leidt niet perse tot beter functionerende corporaties. “Op Duitsland na heeft Nederland de meest geliberaliseerde corporatiesector van Europa”, plaatst Gruis het politiek gevoelige thema in internationaal perspectief.

Verder liberaliseren – minister Dekker stuurt daar momenteel op aan – zou de sector alleen maar vercommercialiseren. En dat is volgens de Delftse onderzoekers geen goede ontwikkeling. Nieboer: “Managers die hun volkshuisvestelijke taken verwaarlozen en alleen nog maar koopwoningen bouwen, zijn dan niet meer terug te fluiten.”

�Sociale huisvesters afrekenen op hun prognoses�

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels