nieuws

DHV pleit voor installatiearchitect

bouwbreed

eindhoven – Het wordt hoog tijd dat de bouw went aan een nieuwe functionaris; de installatiearchitect. Reeds in de fase van projectontwikkeling maakt hij deel uit van het team bouwheer, architect en constructeur. Dit zegt John Tummers, lid managementteam Bouw en Industrie van Advies- en ingenieursbureau DHV in Eindhoven.

Eerst moet de bouw zich bewust worden van het belang van de installatiearchitect, daarna zal hij reeds in de aanloopfase van een project worden uitgenodigd. Vervolgens gaan opleidingen voorzien in de behoefte, meent Tummers.

In toenemende mate is de installatie een bepalend onderdeel van onroerend goed wat betreft complexiteit, omvang, routing en kosten. Klimaatinstallaties, warmtepompen, luchtbehandelingskasten of hoogrendementsketels, de laatste jaren zijn de mogelijkheden en toepassingen dramatisch toegenomen. “Dat is opmerkelijk omdat in de praktijk waarneembaar is dat installaties het ontwerp vaak bepalend en soms zelfs dicterend beïnvloeden.”

Toch houdt de bouw nog steeds vast aan de architect met constructeur, terwijl in de conceptfase juist ook behoefte bestaat aan een �schepper� van gebouwgebonden installaties. De toegevoegde waarde van de installatiearchitect, aldus Tummers, is vroegtijdige integratie en inbreng uit eigen en aanpalende vakgebieden zoals architectuur en constructie, vanuit een breed perspectief. Dat vergt het doorbreken van het diremandschap ontwikkelaar, architect, constructeur.

“Ik realiseer me heel goed dat een baanbrekende omslag in het denken niet op korte termijn te verwachten is en vertrouw daarom in eerste instantie op een bewustwording.”

Oplossingen

“Het toenemende belang van de installatietechniek in het vastgoed is een feit”, stelt Tummers. “Onze visie als DHV, gezamenlijk met andere advies- en ingenieursbureaus, is dat een installatiearchitect op grond van conceptueel denkvermogen meedenkt met de ontwerpende partijen. Dat betekent dat een installatiearchitect de bestaande technische disciplines overstijgt en daardoor met oplossingen komt die op voorhand niet denkbaar waren.”

Door de gewijzigde kijk worden volgens Tummers ook de andere partijen geprikkeld. “Betrokkenen zullen zich meer gaan richten op de reis en minder op de eindbestemming. Ik bedoel hiermee dat hoewel voldoende bagage aanwezig mag worden geacht om de �diepte� in te gaan, het van belang is een complex project eerst breed te benaderen. Het gaat erom eerst in te leven in de droom, dan te verkennen in de diepte, weer los te laten en verder ontwikkelen.”

Dat de installatietechniek zich in de ontwikkelingsfase van een project nog op de achtergrond beweegt, is voor een groot deel te verklaren door het feit dat de discipline betrekkelijk jong is. “Op een tijdschaal van enkele duizenden jaren zijn traditioneel architecten of bouwmeesters en constructeurs actief. Voor zover sprake was van installatietechnieken gingen die weer ten onder met het instorten van het Romeinse Rijk. De huidige ontwikkeling van de installatietechniek is pas ongeveer 150 jaar oud en de nadruk ligt op de laatste decennia met de ontwikkeling van de complexere binnenomgeving waarin milieu en comfort voorop staan.”

Om de huidige leemte te vullen, wijken opdrachtgevers vaak uit naar monodisciplinaire installatieadviseurs. “Net als aannemers die ongelofelijk goed zijn in de uitvoering, werken installatieadviseurs te veel vanuit hun eigen winkel. Ik doel op een overstijgende discipline die zich niet beperkt tot verdieping. Want als je alleen specialisten aan tafel hebt, loop je tegen grenzen aan. Breedte in benadering gaat boven diepgang. Het vergt dus abstractie en conceptueel denkvermogen.”

De vorming van installatiearchitecten is nog een probleem. “Scholing is van groot belang. Ik pleit voor een gerichte opleiding. Op dit moment zijn ongetwijfeld modules te volgen bij diverse technische universiteiten maar een specifieke opleiding ontbreekt. Een nadeel is bovendien dat universiteiten proberen met �sexy� opleidingen zoveel mogelijk studenten te trekken, terwijl ze meer naar de ontwikkeling en behoefte in de markt zouden moeten kijken”, stelt Tummers. “Het is dan ook van belang dat universiteiten bestaande lesprogramma�s gaan hermoduleren. Voorlopig leiden we bij DHV daarom zelf nog onze installatiearchitecten op.”

�Toenemend belang installatie in vastgoed is feit�

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels