nieuws

Draagconstructie als blikvanger Toleranties liggen gevoelig Atlasgebouw

bouwbreed Premium

wageningen – Gebouwen met de betonnen hoofddraagconstructie aan de buitenkant zijn in Nederland uitzonderlijk. Deze weliswaar wat lastigere bouwmethode biedt wel de mogelijkheid om een pand een geheel eigentijdse uitstraling te geven.

Het in aanbouw zijnde Atlasgebouw aan de noordelijke invalsweg van Wageningen trekt ongewild de aandacht. De opvallende buitenschil laat zich nog het best omschrijven als een diagonaal betonnen rasterwerk, opgebouwd uit grote op hun kant staande vierkante achtjes van 3,60 meter hoog en 7,20 meter breed.

De prefab gridelementen zijn gefabriceerd bij Oudenallen Prepab Beton (EBC) in Woerdense Verlaat. Ze geven het gebouw niet alleen een geheel eigen uitstraling, maar vormen tegelijkertijd een essentieel onderdeel van de draagconstructie.

“De opdracht van het Wageningse Universiteit en Researchcentrum aan het gerenommeerde Amerikaanse architectenbureau Rafael Viñoly Architects was om een gebouw te ontwerpen met een hedendaagse expressieve uitstraling”, weet directievoerder ing. J.C. Rensink. Hij is namens ABT verantwoordelijk voor directievoering en toezicht. “Het heeft geresulteerd in een hybride hoofddraagconstructie van beton en staal, waarvan het dragende betonnen grid zich buiten het gebouw bevindt. De gevelschil ligt namelijk 70 centimeter terug ten opzichte van dat grid en draagt zowel de vloeren als de glazen vliesgevel.”

Tussen het dragende betonnen grid en de daarop rustende THQ-liggers bevindt zich een glijdende oplegging die de gevel aan de THQ-liggers borgt. “Constructief gezien is het een combinatie van een scharnier in de ene en een glijdende oplegging in de andere richting. Bijkomend voordeel van het gebruik van THQ-balken is dat de vloer van bovenaf snel is te monteren en deze balken niet onder de vloer uitsteken.”

Koppelingen

De buitenmaat van het gebouw is 44 bij 44 meter; de gehanteerde stramienmaat 3,60 meter. De nieuwbouw die zes verdiepingen telt, is nagenoeg halverwege. Het bijna 29 meter hoge gebouw bestaat straks uit 224 stuks grid elementen van verschillende afmeting. Het zwaarste grid element weegt circa 7,5 ton. Het vergt circa drie weken om een hele verdieping op te bouwen.

Voor deze constructie is beton van een hoge kwaliteit toegepast (klasse B65). Ter hoogte van de verdiepingsvloeren zijn de prefab elementen voorzien van horizontale trekstangen van massief staal rond 50 millimeter. “De constructie is zo berekend dat wanneer een horizontale staaf zou bezwijken, het gebouw overeind blijft”, aldus ir. M. Leguijt, directeur van Pieters Bouwtechniek, de constructeur.

De prefab elementen zijn op de knooppunten voorzien van gains (sparingen). In beide richtingen worden de elementen op deze knooppunten met acht 80 centimeter lange wapeningstaven van rond 20 respectievelijk 25 millimeter gekoppeld en vervolgens aangegoten met hoogwaardige krimpvrije mortel.

Rensink wijst op de hoeken waar zich tussen de gevels openingen van 40 millimeter bevinden om de uitzetting van het gebouw op te vangen. “De verwachting is dat het gebouw in horizontale richting maximaal 20 millimeter zal werken. Door de grote stijfheid van de elementen en trekstangen zullen de verticale vervormingen minimaal zijn.”

Bescherming

Bij de goed zichtbare hoofddraagconstructie gaat het volgens Rensink vooral om een consequente hoogwaardige �schoon beton� expressie van het gebouw. “Het is zaak om de thermische invloed van de gevel ten gevolge van het binnenklimaat goed op elkaar af te stemmen. Voorzieningen stoppen niet bij de buitengevel.” Omdat de dragende delen door het gebouw naar buiten doorlopen, moeten ook bij de uitstekende stalen balken de nodige voorzorgsmaatregelen worden genomen. “Ze worden met brandwerend materiaal ingepakt en goed geïsoleerd om koudebruggen en corrosie te voorkomen.”

Omdat de hoofddraagconstructie in weer en wind staat, zal ook het beton een aantal beschermende behandelingen ondergaan. Voor een zo licht mogelijke betonkleur is aan het beton titaanoxide toegevoegd. Daarnaast zijn de elementen bij de betonfabriek gehydrofobeerd om de zuigende werking van beton tegen te gaan. Dat moet het bouwmateriaal de komende jaren vrijwaren van vervuiling en aantasting door algengroei zodat het niets aan aantrekkingskracht verliest.

Bij deze niet alledaagse draagconstructie is hoogwaardig beton (B65) toegepast. “Alle temperatuurveranderingen werken uiteindelijk op de constructie”, aldus ir. M. Leguijt, directeur van Pieters Bouwtechniek, dat de constructies berekende. “De koppeling binnen-buiten is een lastig aspect. Dat vereist een expliciete detaillering. In dit geval is het allemaal prefab beton waarbij de toleranties heel gevoelig liggen. De toegestane speling tussen de elementen in zowel horizontale als verticale richting bedraagt ongeveer 5 millimeter.”

Een constructief lastig onderdeel waren de twee entrees van het gebouw. “De krachtwerking in het prefab grid verloopt via de diagonalen en moet daar dus buitenom. In de onderste diagonaal is de kracht maximaal 2600 kN. In het eerste ontwerp waren de openingen meer aan de zijkant van het gebouw gesitueerd. Uiteindelijk zijn deze vanwege de krachtwerking verplaatst naar het midden. Anders hadden we dikkere balken moeten toepassen.” Het is de kunst om de dimensies zo klein mogelijk te houden. “De toegepaste betonnen elementen lopen taps toe van 415 naar 355 millimeter in de ene richting en zijn 400 millimeter in de andere richting. Slanker was niet mogelijk.”

Opdrachtgever: Wageningen UR

Architect: Rafael Viñoly Architects-Londen

Co-architect: Van den Oever-Zaaijer en Partners-Amsterdam

Aannemer: Visser & Smit Bouw-Papendrecht

Constructeur: Pieters Bouwtechniek-Haarlem

Projectmanagement, directievoering en toezicht: ABT-Velp

Oplevering: oktober 2006

Reageer op dit artikel