nieuws

In verloren uurtjes één stropop per minuut

bouwbreed

maartensdijk – Ruim tweeduizend bosjes stro met de hand tot stropoppen vormen, is monnikenwerk. Rietdekker H. Hoeben (60) uit het Brabantse Asten draaide er dagenlang zijn hand niet voor om.

Het familiebedrijf is mogelijk het enige in Nederland dat ze nog levert. “Ik heb het van mijn vader geleerd, mijn zoon weer van mij. Het vak zal op den duur wel uitsterven. We betrekken het speciale stro van enkele kleine, oudere hobbyboeren. Dat houdt dus een keer op. Dan zullen de mensen naar Polen moeten, daar zijn ze vooralsnog volop te vinden.”

Een schoof stro weegt ongeveer 5 kilo waaruit Hoeben zo�n zestig stropoppen haalt. In verloren uurtjes worden ze gemaakt; een pop per minuut. Het bedrijf heeft enkele duizenden op voorraad die uitsluitend voor renovatiewerk worden gebruikt om er de Oudhollandse pan mee af te dichten.

Inmiddels hangt een deel van Hoebens nieuwe strodokken tussen dakpan en panlat van het oude pachtboerderijtje dat tot de in het Utrechtse Maartensdijk gelegen buitenplaats Eyckenstein behoort. Op die plek weren ze – evenals voorheen de oude vergane stropoppen dat tussen de kierende pannen deden – wind en water. Er waren 2300 strodokken (of poppen) nodig om het dak bij te stoppen.

Allround Dakexpert uit Deurne kreeg de opdracht het dak aan te pakken van het povere stulpje waarvan de datering vermoedelijk teruggaat tot de zeventiende eeuw. Behalve de strodokken – ingekocht bij Hoeben – werden onder meer ook de panlatten vernieuwd en meerdere doorgerotte en door houtworm aangetaste sporen vervangen. Niet echt een groot karwei dus voor het bedrijf van P. Hulsing, maar emotioneel raakte het bescheiden project hem zeer. Omdat het de wortels blootlegde van wat eens was, en dat doet hem toch elke keer weer wat.

“Strodokken”, legt hij uit, “werden gebruikt vanaf 1500 toen de gegolfde dakpan op de markt kwam; allemaal handwerk wat betekende dat het dak niet goed sloot. Tot halverwege de jaren vijftig werden ze toegepast.”

De dokken worden van met de hand gemaaid roggestro gemaakt waarna ze een halve eeuw en soms nog langer mee kunnen. De rogge mag niet te rijp zijn, omdat het dan gauw broos wordt. “Noch mag het tijdens de oogst en opslag breken of gekneusd raken, omdat er dan vocht in kan lopen”, weet Hulsing.

Het bosarbeidershuisje aan het schelpenpad dat onder meer naar Lage Vuursche leidt, doet tegenwoordig dienst als klein museum en trekt jaarlijks honderden bezoekers. Het Nivon huurt het midden in het bos gelegen pandje voor educatieve doeleinden. Eyckenstein omvat zo�n 180 hectare bos en weiland. In het gebied staan tal van beeldbepalende panden die alle onder monumentenzorg vallen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels