nieuws

Bouw niet gebaat bij Kaderrichtlijn water

bouwbreed

den haag – Nederland zal voorzichtig moeten zijn bij de implementatie van de Kaderrichtlijn water. Als Nederland het beste jongetje van de klas wil zijn, dan kunnen de gevolgen op onder meer de bouw ingrijpend zijn, waarschuwen Centraal Planbureau en VNO-NCW.

Van minister Brinkhorst (Economische Zaken) moet Nederland keihard werken aan economische groei. Maar als ambtenaren van vooral het directoraat-generaal water te rigide regels gaan stellen voor de waterkwaliteit, dan gaat ons land nog harder op slot dan als gevolg van de Vogelrichtlijn.

Belangrijkste punt is wel hoe ons land omgaat met het beperken van stoffen die in oppervlakte- en grondwater terechtkomen. Momenteel wordt in Brussel nog gewerkt aan een richtlijn prioritaire stoffen waarvan nog niet bekend is hoe die eruit gaat zien. Bovendien kan die richtlijn ook weer effecten hebben voor de vraag hoe omgegaan wordt met niet-prioritaire stoffen.

In 1998 werd in deze krant al gewaarschuwd voor de toen nog ontwerprichtlijn omdat stoffen als bentoniet, grout en spuitbeton inclusief de toeslagmaterialen niet meer gebruikt zouden mogen worden. Dat zou de doodsteek hebben betekent voor bijvoorbeeld de bouw van tunnels. Staatssecretaris De Vries van Verkeer en Waterstaat beloofde toen dat Nederland tijdens de onderhandelingen zich zou inzetten om dat soort effecten te voorkomen.

Door in de kaderrichtlijn op te nemen dat elk land zelf mag bepalen om alle bouwactiviteiten uit te zonderen van de richtlijn, is dat ook gebeurd. Daarmee is de dreiging voor de bouw echter nog geenszins afgewend. Waar het nu om gaat is dat bij de implementatie in de Nederlandse wet die uitzondering ook wordt opgenomen.

En dan nog is niet alles geregeld. Ook dan zal bij de vaststelling van hoe om te gaan met stoffen voorzichtig moeten worden gehandeld, laat het CPB weten in een advies aan Verkeer en Waterstaat. Zo wordt in de richtlijn gesproken over �level playing field�. Wordt dat uitgelegd als gelijke emissies per oppervlakte-eenheid, dan zijn de gevolgen voor het dichtbevolkte Nederland bijna desastreus. De emissies moeten dan veel sterker worden teruggedrongen dan in minder dichtbevolkte landen met alle negatieve gevolgen van dien voor de concurrentiepositie.

Ook dan nog kan het CPB zonder de uiteindelijke regeling voor Nederland te kennen, geen uitspraak doen over de gevolgen voor de bouw. Bij het gebruik van de grote hoeveelheden materialen gaat er altijd wel iets verloren dat na kortere of langere tijd in oppervlakte- of grondwater komt. De bouw kan die verliezen beperken door zuiniger om te gaan met materialen en door het uitbannen van de meest schadelijke materialen.

Het CPB voorspelt dat wat er ook gebeurt, dit een prijsopdrijvend effect op de bouwkosten heeft. Dat zal worden doorberekend aan de afnemers, hetgeen leidt tot negatieve welvaartseffecten. Als de voorschriften alleen gaan gelden voor nieuwbouw dan heeft dat invloed op de koopprijzen van bestaande gebouwen, meent het CPB.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels