nieuws

Gas, waterstof en brandstofcellen voor wegvervoer

bouwbreed Premium

den haag – Nederland moet een voortrekkersrol gaan vervullen om de schadelijke uitstoot door wegtransport terug te brengen. Aardgas en biogas moeten eerste de brandstof worden voor het wegvervoer. Later dienen waterstof en brandstofcellen te worden gebruikt.

Dit meldt het Wetenschappelijk Instituut voor het CDA (WI) in het rapport �Keuzes voor Duurzaamheid-Energie op de drempel van transitie.� Die voortrekkersrol moet gestalte krijgen in een Deltaplan Schoon Transport. Met name voor het stedelijk vervoer kan het gebruik van aardgas en biogas als brandstof de uitstoot van kooldioxide (CO2) verminderen.

De transportsector is verantwoordelijk voor 20 procent van het Nederlandse energieverbruik en levert volgens het WI “een navenante bijdrage aan de CO2-uitstoot”. Daarnaast veroorzaakt het transport luchtvervuiling in de vorm van fijn stof en stikstofoxiden (NOx) en forse geluidsoverlast. Het WI meent dat “een dichtbevolkt land als Nederland het zich niet kan veroorloven zich neer te leggen bij de vervuilende transportsector als er alternatieven voor het grijpen liggen”.

Het WI ziet in het gebruik van brandstofcellen (elektriciteit uit waterstofgas en zuurstof) en waterstof de toekomst om transport duurzaam schoon, veilig en stil te maken. Een voorbeeld van de mogelijkheid vna vervoer met brandstofcellen is de elektrische auto.

Op korte termijn is de technologie nog niet zo ver dat deze op grote schaal gerealiseerd kan worden. Tot die tijd is aardgas als de schoonste fossiele brandstof het beste alternatief voor benzine en diesel, aldus het WI. Daarnaast vergemakkelijkt aardgas de introductie van brandstofcellen als opvolger van de verbrandingsmotoren.

Om de levering van aardgas overigens ook in de toekomst zeker te stellen, zal nu al moeten worden begonnen met het aanleggen van strategische reserves, vindt het WI. Er zijn in Nederland verschillende gasvelden die kunnen worden omgebouwd tot berging.

Proefprojecten

De CDA-denktank pleit ervoor om voor 2010 een aantal proefprojecten te starten met waterstof als energiedrager en brandstofcellen als krachtbron. Ook moeten voorbereidingen worden getroffen om deze technologie nog voor 2015 te introduceren. De projecten zouden het beste in de regio Rotterdam kunnen plaatshebben, stelt het WI, omdat daar de milieuproblemen door het wegverkeer het grootst zijn.

Om de transitie naar duurzame energie goed te laten verlopen, ook voor biomassa, wind- en zonne-energie, moeten wel barrières tussen overheid en markt worden geslecht. Ook dient de overheid een consistent beleid te voeren. Onderzoek, ontwikkeling en marktintroductie van duurzame energie vergen grote investeringen van de markt. Die willen bedrijven alleen doen als er vertrouwen is dat ze kunnen worden terugverdiend. Aan onderzoek en innovatie moet de overheid de komende jaren ook prioriteit geven. Voorts wordt energiebesparing noodzakelijk geacht en moet kernenergie niet worden uitgesloten.

Reageer op dit artikel