nieuws

Textielmonumenten in Boekelo krijgen nieuwe gebruikers

bouwbreed Premium

boekelo – De voormalige textielfabrieken in de kern van het Twentse dorp Boekelo krijgen een nieuwe bestemming. De 19e eeuwse en begin 20ste eeuwse gebouwen worden gerestaureerd tot lofts, een appartementencomplex en mogelijk horeca of kantoorruimte. Daarmee krijgt het satellietdorp van de gemeente Enschede een opzienbarende lintbebouwing langs het spoor dat Boekelo doorkruist.

Het program van grond- en gebouweigenaar Ter Steege Vastgoed uit Rijssen voorziet in 250 woningen en circa 13000 vierkante meter bedrijfs- of kantoorruimte. Marktonderzoek wijst uit dat 75 procent van de toekomstige bewoners grondgebonden wil wonen en de rest in appartementen of lofts. Concrete gebruikers van bedrijfs- of kantoorruimte zijn nog niet gevonden. IAA Architecten uit Almelo verrichtte architectonisch onderzoek naar de verzameling van gebouwen die vroeger als het ware aan elkaar werden �geplakt�.

Volgens projectarchitect L. Gersen zijn het magazijn (1897), het ketelhuis (1888), de machinekamer (1913) en het pakhuis (1913) geschikt om een nieuwe bestemming te geven. In deze gebouwen werd vroeger onder stoom textiel gebleekt en later ook bedrukt. De buitengevels van de monumentale gebouwen worden waar nodig in authentieke staat hersteld. Het interieur wordt helemaal gestript tot op de draagconstructie. Het magazijn met gietijzeren constructie en houten vloerdelen wordt een uitdagende opgave om hier 12 à 14 lofts te realiseren.

De hoogte tussen enkele verdiepingen is te laag, waardoor her en der in de vloer doorbraken in de houten vloer moeten worden gemaakt. Daardoor ontstaan split-level woningen, een vrij moeilijk woningtype om te verkopen. Het acht bouwlagen hoge pakhuis is een rijksmonument en wordt gekenmerkt door een ruim 100 jaar oude betonconstructie op een regelmatig stramien, friezen en witte lateien in het metselwerk en een tuidak op de toren.

Het oudste industriële gebouw, het ketelhuis uit 1888, staat nog vol met enorme stoomketels die verwijderd moeten worden om de ruimte geschikt te maken voor eventueel een grand café. Dit gebouw heeft een prachtig groot hoefijzervormig raam met veel siermetselwerk. De gebouwen zijn ontworpen door de Twents industrieel architect Gerrit Beltman en J. Mink.

Ter Steege Vastgoed en IAA pleiten voor een lintbebouwing langs het spoor, omdat in die zone de meest waardevolle monumentale gebouwen staan. De achterliggende gebouwen zijn duidelijk van mindere kwaliteit en worden gesloopt. Een groot deel van de productiefabrieken achter op het terrein zijn al verwoest door brand. Op deze braakliggende grond wordt een nog onbekend aantal eengezinswoningen gebouwd. In het vrij groene ontwikkelingsgebied van twaalf hectare is ook een plek voor een meanderende beek. Ter Steege wil in september 2005 de ruimtelijke ordeningsprocedures afronden en in augustus 2006 beginnen met de restauratie en nieuwbouw.

Reageer op dit artikel