nieuws

Werkplezier leidinggevende in bouw neemt af

bouwbreed Premium

amsterdam – Ruim een kwart van de uitvoerders en hoofduitvoerders verwacht de komende vijf jaar met minder plezier naar het werk te zullen gaan. Bedrijfsleiders en projectleiders zien weinig veranderingen op dit punt. Dat blijkt uit het rapport Het leidinggevend personeel in de bouw van het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid (EIB).

Het EIB baseert zijn bevindingen op een schriftelijke enquête onder ruim negenhonderd leidinggevenden binnen de aannemerij, te weten bedrijfsleiders, projectleiders, hoofduitvoerders en uitvoerders. De respondenten werken in meerderheid voor grote bedrijven en in de gww-sector.

De oorzaak van het afnemende werkplezier zijn veranderingen binnen het werkproces. Leidinggevenden zullen zich steeds meer moeten gaan bezighouden met de organisatie van de bouw.

Het EIB meldt dat bedrijfs- en projectleiders nu al geregeld worden ingezet bij planvoorbereiding en inrichting van het productieproces. Die tendens zal in de toekomst sterker worden. “Voor de hoofduitvoerders en uitvoerders geldt dat zij zich hoofdzakelijk richten op de dagelijkse leiding”, aldus het EIB-rapport. “De organisatorische kant is voor hen minder belangrijk en zal in de toekomst volgens henzelf slechts in beperkte mate een belangrijker onderdeel van het werk worden.”

Het merendeel van de geënquetteerden verwacht niettemin dat de werkzaamheden zullen veranderen. Bedrijfsleiders gaan er vanuit dat ze vooral meer taken op zich moeten nemen op het gebied van onder meer projectcoördinatie, projectacquisitie, personeelstoezicht en het geven van advies tijdens de planvoorbereiding.

Op de vraag of werkstress zal toenemen, wordt verdeeld gereageerd. Bedrijfs- en projectleiders verwachten in meerderheid dat dit niet het geval is. Het grootste deel van de hoofduitvoerders en uitvoerders daarentegen verwacht dat werkstress zal groeien. “Op dit moment ervaren de leidinggevenden al aanzienlijke spanningen tijdens het werk”, aldus een toelichting van het EIB.

“Iets minder dan de helft van hen geeft aan meestal in hoog tempo te moeten werken.” Dit geldt met name voor bedrijfsleiders en hoofduitvoerders. “Uitvoerders ervaren het werktempo iets minder negatief.”

Hoofduitvoerders en uitvoerders verwachten ook dat meer eisen worden gesteld aan hun opleiding, terwijl de bedrijfs- en projectleiders in meerderheid ervan uit gaan dat dit niet het geval zal zijn. Over het algemeen denken de ondervraagden niet dat het maatschappelijk aanzien van hun beroep zal veranderen. Wel verwachten de bedrijfsleiders dat ze minder op de bouwplaats aanwezig zullen zijn. Hoofduitvoerders en uitvoerders gaan ervan uit dat wat hen zelf betreft op dit punt weinig zal veranderen.

Reageer op dit artikel