nieuws

Schoonheid is wel in geld uit te drukken

bouwbreed

den haag – De schoonheid en het effect van een bouwwerk moeten zwaarder meewegen in de beslissing over een project. Kwaliteit, symboolfunctie, uitstraling en status zijn lastige begrippen voor een kosten-batenanalyse, maar een prijskaartje kan wel degelijk helpen. Belevingswaarden tellen nu helemaal niet mee in de beslissingen over miljoeneninvesteringen.

Het Ruimtelijk Planbureau probeert in de bundel �Schoonheid is geld!� meer aandacht te krijgen dit �zachte onderwerp�. Het boekje is gisteren overhandigd aan A. Duivesteijn. Volgens directeur W. Derksen van het planbureau heeft het rapport van de politicus over de grote projecten pijnlijk duidelijk gemaakt dat grote projecten vooral niet tot stand komen op basis van rationale afwegingen.

Het planbureau breekt er daarom een lans voor omgevingsfactoren zwaarder mee te laten wegen in beslissingen. Het Rijk schrijft sinds 2000 voor dat voor elk groot projecten een maatschappelijke kosten-batenanalyse moet worden gemaakt. Dat is inmiddels gebeurd bij projecten als de Zuiderzeelijn, hsl-oost, MTC Valburg, IJzeren Rijn en de Tweede Maasvlakte. In de praktijk verdwijnt dat onderdeel in een bijlage en kijken de beslissers er niet naar om, waardoor de wet een dode letter blijft.

Woordvoerder I. Heemskerk van het planbureau geeft direct toe dat belevingswaarden een hoog theoretisch gehalte hebben. “Hoe je de omgevingsfactoren moet laten meewegen in de praktijk, blijft lastig. Over smaak valt te twisten. Elke discipline heeft daar zijn eigen ideeën over en het blijft nattevingerwerk. Aan de andere kant gaat het vaak om miljoenenprojecten waarbij altijd met aannames wordt gewerkt in een kosten-batenanalyse. Waarom zou je dan niet ook een prijskaartje hangen aan omgevingsfactoren. Nu houdt niemand er rekening mee en dat is nog veel kwalijker.”

Erasmusbrug

De Erasmusbrug is een voorbeeld van een duur project met een enorm effect op de Kop van Zuid. Maar zelfs achteraf is het lastig te bepalen om de meerprijs van 30 miljoen gulden zijn geld heeft opgebracht. Hoog Catharijne is een ander project waarbij grote kanttekeningen kunnen worden gezet, maar dat economisch heel rendabel was voor de binnenstad van Utrecht.

Bij vastgoedontwikkeling wegen sommige factoren inmiddels wel mee. Water laat de waarde van vastgoed met 20 procent stijgen, terwijl groen niet meer dan 6 tot 15 procent meer opbrengt. Cultuurhistorische kwaliteiten hebben een waardevermeerdering van 15 procent tot gevolg en onoordeelkundig restaureren van panden verlaagt de prijs met 2 procent. Het zou dan volgens de schrijver geen kwaad kunnen stedelijke kwaliteit mee te wegen bij bij de gemeentelijke grondexploitatie. Al was het maar om iets minder afhankelijk te zijn van politieke moed.

Reageer op dit artikel