nieuws

Ook steun lokaal bedrijf kan mededinging verstoren

bouwbreed Premium

Bijna iedere dag lees je berichten over projectontwikkeling die totstandkomt met financiële steun van gemeenten. Bij degenen die de ontwikkelingen rondom het AZ-stadion in Alkmaar hebben gevolgd, zal wellicht de vraag rijzen: hebben we hier niet te maken met staatssteun en mag dit allemaal wel?

In Alkmaar bleek een klacht van detailhandelaren in de Alkmaarse binnenstad bij de Europese Commissie over de �package deal� waarbij AZ onder meer de grond van het huidige stadion voor 1 euro zou mogen kopen, een zeer effectief middel om de bouwplannen ernstig te vertragen. Om dergelijke vertraging in een samenwerkingsproject met een overheid te voorkomen, is het goed om als ondernemer te weten wat mag en wat niet.

Bepaalde staatssteun wordt door Europa verboden. De Europese Commissie is belast met het toezicht daarop. In het EG-verdrag is dwingend opgenomen dat (lagere) overheden in beginsel verplicht zijn om elk voornemen tot het verlenen van staatssteun te melden bij de commissie. Die beoordeelt dan of er sprake is van verboden staatssteun.

Er is sprake van staatssteun in geval van:

– -steunmaatregelen van de overheid of met overheidsmiddelen bekostigd,

– aan ondernemingen,

– -die een voordeel verschaffen aan de onderneming dat zij niet langs normale commerciële weg verkregen zou kunnen hebben.

Deze steunmaatregelen kunnen onder meer bestaan uit het verstrekken van een subsidie, borgstelling of een onroerend-goedtransactie. Speciaal voor onroerend-goedtransacties met overheden heeft de Europese Commissie in 1987 een Mededeling gepubliceerd waaruit volgt dat er een vermoeden van staatssteun aanwezig is wanneer een overheid onroerend goed verkoopt of vervreemdt, waarbij geen openbare biedprocedure in de zin van de Mededeling is gevolgd, of waarbij de koopsom van de grond niet in een taxatierapport van een onafhankelijk deskundige is vastgesteld.

Een aantal uitzonderingen op de aanmeldingsplicht wordt geboden in vrijstellingsverordeningen (onder meer de �de-minimis�-verordening: maximaal 100.000 euro in drie jaar). Als de steun niet voldoet aan de bepalingen in een van deze verordeningen, moet de steun worden aangemeld.

De commissie zal de staatssteun verbieden als er sprake is van (dreigende) vervalsing van de mededinging op de gemeenschappelijke markt en een ongunstige beïnvloeding van de tussenstaatse handel.

Veel steun lijkt louter �lokaal� te zijn, zodat deze effecten niet zouden plaatsvinden. Toch is er in de ogen van de commissie snel sprake van deze vervalsing. Zo zal steun voor een lokaal project, maar aan een (tevens) internationaal opererende onderneming, de internationale concurrentiepositie van die onderneming verbeteren. Ook zal steun voor een project op de internationale markt verboden zijn. De onroerend-goedmarkt is in beginsel een internationale markt. Ook steun aan lokale ondernemingen op die markt verstoort de mededinging, en is dus in beginsel verboden.

Europa vindt wel dat sommige doelen speciale steun verdienen. Zo zijn er kaderregelingen en richtsnoeren voor regionale steun, cultuursteun, milieusteun etc. Als de steun voldoet aan de bepalingen in een van deze regelingen, zal de commissie de steun niet verbieden.

Vaak wordt een klacht over staatssteun weggewuifd met het argument dat de onderneming niet alleen steun krijgt, maar ook verplichtingen op zich neemt, zodat de steun als een compensatie moet worden gezien. Er is alleen geen staatssteun wanneer:

1. de onderneming daadwerkelijk wordt belast met een duidelijke openbare dienstverplichting;

2. de compensatieberekening geschiedt naar objectieve, doorzichtige parameters;

3. de compensatie niet hoger is dan kostendekkend en rekening houdt met winst/voordeel; en

4. de kosten niet hoger zijn dan die een gemiddeld goed beheerde onderneming zou maken;

Stand-still

Binnen tien jaar nadat een (vermeende) steunmaatregel is verstrekt, kan een ieder hierover klagen bij de commissie. Zodra deze een onderzoek instelt, mag er gedurende het onderzoek geen uitvoering aan de steun worden gegeven. In Alkmaar is de uitvoering van de �package deal�-overeenkomst door de rechter stilgelegd. Om niet de uitkomst van het onderzoek af te hoeven wachten, zijn AZ en Alkmaar een tweede overeenkomst aangegaan waarin ze de grondwaarde hebben bepaald door middel van taxatie.

Omdat de plannen in Alkmaar gerealiseerd worden via eenvrijstelling op grond van artikel 19 WRO, is voor de bestuursrechtelijke toets voldoende dat het plan voldoet aan de vereiste �goede ruimtelijke onderbouwing�. In Haaksbergen is een bestemmingsplanwijziging echter onderuit gegaan omdat niet voldoende was gebleken dat het plan, ook zonder de eventueel verboden staatssteun, financieel uitvoerbaar zou zijn in de zin van artikel 10 WRO en 9 Bro.

Als de steun is verleend en door de commissie wordt verboden, moet de lid-staat overgaan tot terugvordering van de onderneming. De gemeente die de steun heeft gegeven, blijft in beginsel schoon. Omdat het de ondernemer is die uiteindelijk de rekening moet (terug)betalen, is het niet onverstandig om samenwerkingsvormen met gemeenten tegen het �staatssteun�- licht te houden.

Henriëtte Bast

DLA SchutGrosheide NV,

Reageer op dit artikel