nieuws

Wegenbouwers drukken stemming in gww-sector

bouwbreed Premium

amsterdam – Een op de drie bedrijven in de grond-, wegen- en waterbouw klaagt over onvoldoende werk. Dat blijkt uit de conjunctuurmeting onder ruim vierhonderd hoofdaannemers verricht door het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid.

Tegenover de 34 procent gww-ondernemingen die het onderhanden werk als klein beoordeelt, staat 7 procent bedrijven die volop in het werk zitten. In de burgerlijke en utiliteitsbouw noemt 20 procent van de ondernemers de werkvoorraad klein in relatie tot de omvang van het bedrijf. De kwalificatie �groot� wordt door 16 procent van de bedrijven in de b&u gegeven aan de werkvoorraad eind maart.

De bouwers zijn per saldo positief over de te verwachten ontwikkelingen van het personeelsbestand. In de b&u denkt 20 procent van de bedrijven dat dat de komende maanden zal groeien. Inkrimping ligt in het verschiet bij 5 procent van de firma�s.

In de gww-sector is het saldo op het nippertje nog negatief. In de branche verwacht 10 procent een inkrimping van de personeelsbezetting. Van de bedrijven rekent 9 procent op een stijging van het aantal medewerkers.

Ook in hun oordeel over de te verwachten prijsontwikkeling zijn de bedrijven per saldo positief. Van de bedrijven in de gww verwacht 6 procent dat de afzetprijzen de komende maanden zullen stijgen. Slechts 1 procent piekert over een prijsdaling. Opvallend is dat in de wegenbouw zelfs geen enkel bedrijf een daling van de afzetprijzen verwacht. In de b&u verwacht 15 procent van de bedrijven een prijsstijging. Een prijsdaling ligt bij slechts 1 procent op de lippen.

In maart bleef de omvang van de orderportefeuille in de bouwnijverheid gelijk aan het niveau van vorige maand: 7,2 maanden. Het volume van de orderportefeuille in de b&u ligt op hetzelfde niveau als in februari (7,8 maanden). In de gww nam de orderportefeuille echter licht af met 0,1 maand tot 4,5 maanden. De daling vindt haar oorzaak in de afname van de orderportefeuille in de wegenbouw, die slonk met 0,2 maand tot 4,4 maanden.

De hevige sneeuwval begin maart zorgde in de grond-, water- en wegenbouw voor de nodige hinder ten aanzien van de voortgang van de werkzaamheden. Dit geldt met name voor de wegenbouw, waar ruim eenderde van de bedrijven stagnatie van het onderhanden werk ondervond. De burgerlijke en utiliteitsbouw had aanzienlijk minder last van de sneeuw. In deze sector wordt als belangrijkste stagnatieoorzaak het uitblijven van orders genoemd.

De conjunctuurmeting van het EIB wordt verricht in opdracht van de Europese Commissie onder hoofdaannemers met meer dan tien personeelsleden.

Reageer op dit artikel