nieuws

Schadevergoeding voor onrechtmatige aanbesteding

bouwbreed Premium

Vanwege een onregelmatig verlopen aanbestedingsprocedure vorderde AFCon Management Consultants uit Ierland een schadevergoeding van de Europese Commissie. Het Gerecht van Eerste Aanleg heeft de vordering voor wat betreft de directe kosten van het deelnemen aan de aanbesteding gehonoreerd. De overige vorderingen zijn afgewezen.

AFCon Management Consultants uit Ierland, een gespecialiseerd landbouwkundige consultantsbureau inzake landen met een overgangseconomie, had ingeschreven op een door de commissie uitgeschreven niet-openbare aanbestedingsprocedure in het kader van het zogenaamde Tacis-programma met betrekking tot diensten voor landbouwvoorlichting in Zuid-Rusland.

Op 17 maart jl heeft het Gerecht van Eerste Aanleg arrest gewezen (T-160/03), waarbij het zich moest uitlaten over de ingestelde schadevordering van AFCon tegen De Europese Commissie.

Om tot toewijzing van een schadevordering te komen, dient volgens het communautaire cq gemeenschapsrecht voldaan te zijn aan drie voorwaarden. De geschonden rechtsregel moet ertoe strekken particulieren rechten toe te kennen, er dient sprake te zijn van een voldoende gekwalificeerde schending en er dient een direct oorzakelijk verband te bestaan tussen de geschonden rechtsregel cq verplichting en de schade van de benadeelde personen.

Met betrekking tot de onrechtmatigheid van de aanbestedingsprocedure was door AFCon eerst een aantal klachten ingediend bij de Europese Ombudsman. Zo was volgens AFCon de offerte van de winnaar van de aanbesteding (GFA) niet in overeenstemming met de voorwaarden van de betrokken opdracht. De commissie zou verder ongeoorloofde evaluatiecriteria hebben meegewogen, en na vaststelling van een belangenconflict tussen een betrokkene bij de beoordeling van de aanbestedingen en GFA, niet de vereiste maatregelen hebben genomen.

Ter zake de laatste onrechtmatigheid heeft het Gerecht geoordeeld dat het handelen van de commissie uiterst laakbaar is – zelfs strafbaar is gesteld volgens verschillende nationale wetten – nu een opdracht is gegund aan een persoon die betrokken is bij de evaluatie en selectie van offerten. Een en ander is verwijtbaar vanuit het beginsel van gelijke behandeling bij de gunning van overheidsopdrachten en vanuit het streven naar een goed financieel beheer van gemeenschapsgelden.

Iedere inschrijver, die deelneemt aan een aanbesteding, moet het risico aanvaarden dat de uitgaven voor de indiening van zijn offerte voor zijn rekening komen in het geval dat hij de aanbesteding niet wint. Dit uitgangspunt geldt in de situatie dat er onpartijdig gehandeld wordt door de aanbestedende dienst om zodoende de gelijke kansen van inschrijvende partijen te waarborgen.

Door GFA te laten deelnemen terwijl er aanwijzingen waren dat er van gelijkheid geen sprake was en hiernaar geen nader onderzoek is verricht, heeft de aanbestedende dienst voor AFCon de kansen direct geschaad. Het Gerecht oordeelt dan ook dat de kosten, die gemoeid zijn geweest met de deelneming aan de aanbestedingsprocedure, dienen te worden vergoed.

AFCon claimde de kosten van een verkenningsreis naar Zuid-Rusland, de tijd en kosten in verband met voorbereiding van de offerte, en de kosten van reizen naar Brussel voor het bijwonen van een tweetal evaluatiegesprekken. Deze schade is door het Gerecht als – niet disproportioneel – toewijsbaar geacht.

Daarnaast vorderde het consultantsbureau de schade die rechtstreeks voortvloeit uit de onrechtmatigheid van de aan de commissie verweten handelwijze, waaronder kosten gemoeid met het instellen van (klacht-) procedures bij de Europese Ombudsman en het Gerecht, na de bestreden gunning aan GFA. Het Gerecht heeft bij dat deel van de schadevordering rekening gehouden met het aantal honorariadagen, die AFCon aan de verdediging van zijn belangen heeft besteed om de geldigheid van de aanbesteding te bestrijden. De onderzoeksuitgaven van AFCon zijn als onvoldoende onderbouwd afgewezen.

Met betrekking tot de schade op winstderving moet verondersteld worden dat AFCon ten onrechte niet in aanmerking is gekomen voor gunning van de opdracht. Ondanks dat na onderzoek naar het belangenconflict de uitkomst mogelijkerwijs geweest zou zijn dat GFA van de aanbesteding diende te worden uitgesloten, is de vraag of AFCon de opdracht gegund gekregen zou hebben. Daarnaast beschikt de aanbestedende dienst over een aanzienlijke beoordelingsvrijheid en is zij niet gebonden aan de voorstellen van het evaluatiecomité bij de gehouden aanbesteding. De schade aan winstderving wordt niet toegewezen nu zij niet reëel en vaststaand is, maar hypothetisch.

Last but not least ziet een deel van de schadevergoedingsvordering op schade als gevolg van verlies van �profiel�. De gunning van de opdracht aan AFCon zou haar in staat hebben gesteld deel te nemen aan andere aanbestedingen. Na de betrokken aanbestedingsprocedure is de activiteit van AFCon teruggelopen. De gunning van de opdracht aan GFA geeft schade berokkend aan de goede naam en de activiteit van AFCon. Het consultantsbureau zou automatisch zijn uitgesloten van latere aanbestedingen, nu een bepaalde omzeteis geldt die door het gemis van deze opdracht niet gehaald wordt. Ook dit deel van de schadevordering is als niet onderbouwd afgewezen.

Reageer op dit artikel