nieuws

Manita Koop: We voelden ons soms als een bedrogen echtgenoot

bouwbreed Premium

den haag – Als voorzitter van de statencommissie Stagnatie Infrastructurele Projecten stuitte Manita Koop op een reeks onvolkomendheden in het provinciale apparaat. “Men deed maar wat.”

“Als je niets helder vastlegt, weet je nooit wanneer je op tijd bent en dus ook niet of en hoeveel je te laat bent”, antwoordt Koop op de vraag hoe erg het met de stagnatie van grote infrastructurele projecten in Zuid-Holland gesteld is. De voorzitter van de onderzoekscommissie viel tijdens de hoorzittingen met voormalige projectleiders, hoge ambtenaren, wethouders en (oud)-gedeputeerden van de ene verbazing in de andere.

Dat de besluitvorming over infrastructuur vaak niet wilde vlotten, dat vermoedde ze al. Maar dat processen totaal niet werden beheerst, daar schrok ze toch wel enigszins van. “Er werd gepionierd en dat kan natuurlijk niet. Men deed maar wat.”

Natuurlijk heeft Koop ook het eigen functioneren onderzocht. Provinciale Staten hadden de voortgang van de processen beter in de gaten moeten houden en hier en daar bij moeten sturen, weet ze. “Maar daarvoor heb je wel informatie nodig en die kregen en vroegen we tot voor kort veel te weinig. Als commissie voelden we ons soms als een bedrogen echtgenoot. De halve wereld wist er al van, behalve wij.”

Maar Provinciale Staten moeten niet alleen voortgangsrapportages krijgen en beoordelen. Ook moet een “heldere probleemanalyse” worden geëist van het provinciebestuur, meent Koop. “Je moet belangen en bevoegdheden van alle betrokken partijen aan het begin van het proces al in kaart brengen. Nu worden zaken pas tegen het einde zichtbaar.”

Slagvaardiger

Gedeputeerde Staten hadden de afgelopen jaren slagvaardiger moeten zijn om het besluitvormingsproces te bespoedigen, meent Koop. “Daar heeft het aan ontbroken. Een beetje meer lef hebben, kan geen kwaad. Maak gebruik van je autoriteit. Wees niet bang om verhoudingen te verstoren.”

Provincies, stadsgewesten, gemeenten en andere partijen tekenen naar haar zin te veel convenanten. Die zijn veel te vrijblijvend. “Je moet afspraken borgen en er sancties aan verbinden”, aldus Koop.

Wat ook kan helpen, is de zogenoemde nut-en-noodzaakdiscussie eerder voeren, maar vooral eerder afsluiten. “Ga niet elke keer vragen of iets echt wel nodig is en of het wellicht beter zou kunnen.”

Een goede samenwerking tussen verschillende ambtelijke afdelingen lijkt logisch, maar is het niet. Koop: “Dat moet je afdwingen. Maar als gedeputeerden zelf ook al hun portefeuille voor anderen afschermen, krijg je dat vanzelf ook in je organisatie.”

Reageer op dit artikel