nieuws

Wonen op eilanden in de Haarlemmermeer

bouwbreed Premium

Het heeft iets van vloeken in de kerk: het natte land dat met veel moeite werd drooggemalen weer ontgraven, meestal ten behoeve van wonen of recreatie. In de Haarlemmermeer past het nieuwe water naadloos in het rechte lijnenpatroon van de polder, maar heeft het geen enkele meerwaarde. Hoofddorp is een van onze nationale iconen als […]

Het heeft iets van vloeken in de kerk: het natte land dat met veel moeite werd drooggemalen weer ontgraven, meestal ten behoeve van wonen of recreatie. In de Haarlemmermeer past het nieuwe water naadloos in het rechte lijnenpatroon van de polder, maar heeft het geen enkele meerwaarde. Hoofddorp is een van onze nationale iconen als het gaat om suburbanisatie. De laatste uitbreiding, Vinex-wijk Floriande, nadert zijn voltooiing.

Nieuwe woningbouwplannen voor Hoofddorp-West kunnen voorlopig de ijskast in, terwijl bestuurders zich vertwijfeld afvragen op welke plekken ze dán kunnen bouwen om aan eerder gemaakte afspraken te voldoen.

Met de nieuwe bepalingen in de Nota ruimte over het verleggen van de Ke-contour (van 35/30 naar 20 Ke) lijkt het pleit namelijk beslecht ten gunste van Mainport Schiphol.In een van de drukste gebieden van Nederland, met een grote vraag naar woningen, delft de woningbouw het onderspit.

Ondertussen lijken er toch heel wat mensen heel �happy� te zijn in Hoofddorp, het hart van de Haarlemmermeer. Het is een vanaf de jaren zeventig explosief gegroeide �overloopkern�.

Het oorspronkelijke kruisdorp (op de kruising van twee wegen) heeft een concentrische uitleg gekregen waarbij de �jaarringen� zich duidelijk aftekenen in de architectuur. De geschiedenis van de Nederlandse woningbouwarchitectuur vanaf de jaren zeventig tot heden is er dan ook in een notendop te zien. De laatste loot aan de stam, gelegen tegen het voormalige Floriade-terrein, is Vinex-wijk Floriande. Het uitgangspunt was hier �water�: er zijn twaalf kaarsrechte eilanden gemaakt die precies passen binnen het strenge verkavelingspatroon van de polder. Door middel van architectuur en verkaveling moeten de eilanden ieder een eigen identiteit krijgen. Om dat laatste lijkt het dan ook eigenlijk te draaien. Het water is alleen maar ingezet als scheidingselement, het heeft geen kracht of betekenis op zichzelf.

In plaats van het scheppen van ruimte, of een recreatief element, lijkt het water hier juist bij te dragen tot een claustrofobisch gevoel. De eilanden zijn door die omsingeling benauwde ruimtes geworden, waar je te dicht op elkaar woont en waar de auto�s ruim baan krijgen ten koste van de speelruimte voor kinderen. En dat is jammer, zeker als je aan de rand van de bebouwing in een polder woont, die bekend staat om zijn rechte lijnen en weidse vergezichten.

Op Eiland nummer 7 probeert bureau SeARCH van Bjarne Mastenbroek een andere aanpak. In hun stedenbouwkundig plan wordt alle openbare ruimte en een groot deel van de verkeersruimte op een hoop geveegd. Het levert een 40 meter brede strook op, over de hele lengte van het eiland (400 meter), de brink genaamd. Ze vormt het centrale element van het eiland, en krijgt een halfverharde bestrating én 400 esdoorns. Aan weerszijden van de brink komen geschakelde woningen met voor- en achtertuinen.

Aan de noordzijde van het eiland ligt achter deze (toekomstige) rij woningen een deelwijkje met �parkwoningen�. Deze parkwoningen zijn onlangs opgeleverd en inmiddels bewoond. De woningen lijken willekeurig over het terrein uitgestrooid, maar de situering is juist het resultaat van een zorgvuldig schuiven en rekenen. De opzet is dat de benauwde maten en beperkte zichtlijnen van andere Vinex-wijken, doorbroken worden, zodat er weer een gevoel van ruimte ontstaat. Die �losse� opzet is een verademing maar niet voor 100 procent geslaagd. Hier en daar staan de (veelal vrijstaande) woningen wel erg dicht tegen elkaar en reikt een slaapverdieping tot vlak aan het huis van de buurman. Maar al met al is het een goed idee om vernieuwing of �identiteit� te zoeken in de verkaveling, zeker in het gezelschap van de omringende eilanden waar het toch vooral lijkt te gaan om architectuur als statement. Niet dat de parkwoningen van SeARCH geen eigen identiteit hebben, integendeel. Het zijn sympathieke, hutachtige huisjes met platte daken geworden, met een prachtige warmrode, houten huid.

De woningen aan het water hebben een spectaculaire overstek: de halve slaapverdieping kraagt boven de begane grond uit, en vormt daarmee een soort carport voor twee auto�s.

Alle woningen hebben op eigen terrein ruimte voor twee auto�s, zodat die zoveel mogelijk uit het straatbeeld verdwijnen. Dat is mooi, maar die enorme overstek, het is meer een spectaculair effect dan wat anders. Het is net óver het randje. En dan nog wat: het lijkt het goed idee om de bergingen in de woningen op te nemen. Zo zijn er immers ook geen schuurtjes meer die het zicht belemmeren. Maar het werkt niet. De diepgekoesterde wens van een forse schuur voor allerhande gereedschap en andere hobbybenodigheden laat de Vinex-bewoner zich niet zomaar door de neus boren. En dus komen er schuren, zonder uitzondering van het type houten blokhut uit de Gamma-folder.

Een mooie illustratie van de veelbesproken discrepantie tussen de smaak van de architect en die van de bewoner. Met de architectuur als uiting van de identiteit van bestuurders en ontwerpers, wordt de tuin de speelruimte voor de bewoners zelf.

Reageer op dit artikel