nieuws

Herstructureringswijken worden hip

bouwbreed Premium

utrecht – Herstructureringswijken als Kanaleneiland, Overvecht en Hoograven zullen tussen nu en tien jaar enorm in waardering stijgen. Dat voorspelt het Utrechtse hoofd van het gemeentelijk ontwikkelingsbedrijf A.A. Verduijn. “De eerste tekenen zie je al.”

Hij vergelijkt de probleembuurten met de vroegere stadsvernieuwingsgebieden. Enkele decennia geleden hadden ook daarin nog maar weinigen fiducie. “Terwijl bijvoorbeeld de wijk Witte Vrouwen nu behoort tot de meest gewilde buurten. Ook andere vooroorlogse gebieden als de Amsterdamse Straatweg en Lombok maken die ontwikkeling door.”

Over deze voormalige arbeiderswijken werd in de jaren zeventig heel negatief gedacht, weet Verduijn. “Toen ik in 1970 naar Utrecht kwam om er te gaan studeren, was net de discussie gaande over de Witte Vrouwenbuurt. De huizen waren er bouwkundig slecht, ze waren krap, gehorig, er was te weinig parkeerruimte, kortom alles was krakkemikkig. In Boxtel waar ik opgroeide, waren zulke huizen in de jaren zestig al onbewoonbaar verklaard en gesloopt.”

Inmiddels heeft echter een heel nieuw publiek – hoogopgeleid en koopkrachtig – bezit genomen van de wijk, die eerder met flinke steun van de gemeente helemaal is opgeknapt. “Zo�n ontwikkeling, dat is toch is schitterend om te constateren.” Veel te negatief vindt hij de veronderstelling dat de huidige herstructeringswijken geen soortgelijke verandering zouden kunnen doormaken.

Scholenproject

“In Kanaleneiland”, illustreert hij zijn optimisme, “wordt nu een scholenproject ontwikkeld met daaraan gekoppeld 130 koopwoningen. Die zijn allemaal al verkocht, terwijl het plan alleen nog maar op papier bestaat. De kopers zijn voor 90 procent Turks. “Onder die bevolkingsgroep is een nieuwe middenklasse aan het ontstaan. Wanneer mensen een huis kopen, krijgen ze een veel groter belang bij de kwaliteit van zo�n wijk. Zij gaan zich druk maken over de veiligheid en willen dat het schoon is.”

De ervaring met de vooroorlogse wijken toont wat hem betreft dat een probleemwijk niet gauw hoeft te worden afgeschreven. “Het waren in de jaren zeventig de gastarbeiders die de toen laag gewaardeerde woningen kochten. Zo konden zij hun gezin laten overkomen. De extreem hoge hypotheekrente begin jaren tachtig en de economische crisis dwong velen van hen tot verkoop. Er kwamen studenten in voor wie de ouders goedkoop een huis kochten en pas afgestudeerden die graag in deze wijken wilden wonen”, schetst hij de beweging die in gang werd gezet.

“De voormalige gastarbeiders trokken naar de naoorlogse wijken, terwijl in de vooroorlogse wijken een enorme �verwitting� optrad. Ik woonde destijds in de Vogelenbuurt en daar waren een Turkse en een Marokkaanse school. Nu is mijn voormalige buurman er – ongeveer – de enig overgebleven Turk.”

Portiekflats

Voor de bouw in de naoorlogse wijken verwacht hij ook een herwaardering. “De Neudeflat in de binnenstad is een goed voorbeeld van hoe tijdgebonden opvattingen over mooi en lelijk kunnen zijn.” Jarenlang kreeg deze torenflat het publieksoordeel van lelijkste gebouw van de stad. “Maar dat is aan het veranderen en ik geef je op een briefje, over tien jaar is de Neudeflat een monument.”

Portiekflats heten nu uit de gratie te zijn, “maar in Hoograven is alweer een sloopplan teruggedraaid. De ontwerper van deze flats is Rietveld en alles wat die heeft gedaan, staat momenteel erg in de belangstelling. Wij willen geen barbaren zijn en gaan de flats daarom opknappen.”

Reageer op dit artikel